Special feature

De F1-simulator: Het onzichtbare, maar onmisbare wapen van Red Bull

De simulator is al heel wat jaren van groot belang voor het succes van Formule 1-teams. Bij gebrek aan testdagen of langere trainingen is de simulator dé manier om veranderingen aan de auto te testen en voorzetjes te doen op het gebied van ontwikkeling. Rudy van Buren is sinds enkele jaren als simulatorcoureur verbonden aan Red Bull Racing. Hij geeft Motorsport.com een kijkje in de keuken van dit onzichtbare, maar enorm belangrijke wapen.

Sergio Perez, Red Bull Racing RB19

Het is voor de sterveling niet te bevatten hoe het is om een Formule 1-wagen te besturen. Het is per seizoen misschien aan 30 tot 35 coureurs voorbehouden om plaats te nemen in de auto van dat jaar. Het volgende dat het dichtste in de buurt komt van een F1-auto is de simulator, maar hoe realistisch is dat? “Op welke vlakken komt het niet overeen?”, kaatst Rudy van Buren de vraag terug als we hem vragen hoe realistisch een F1-sim is. “Het feit dat we de data van het circuit en de sim zo over elkaar kunnen leggen, geeft al aan hoe realistisch het is. Natuurlijk genereren we in de sim niet de G-krachten die de coureurs voelen, maar verder: het remmen, het sturen, de hele mikmak. We zitten allemaal met een helm op in een Formule 1-auto gevouwen. Het komt écht dichtbij.” Dat is precies wat de teams willen. Met slechts drie testdagen voor de start van het seizoen zijn de teams heel beperkt in wat ze op het circuit kunnen testen. Bovendien is het niet mogelijk om onbeperkt onderdelen te ontwikkelen, dat is nu eenmaal te duur in een tijd dat er een budgetplafond is.

De simulator is wat dat betreft een uitkomst. Honderden mensen zijn in een raceweekend in de weer om de beide Red Bulls van Max Verstappen en Sergio Perez op de baan te houden en als het een beetje kan ook nog vooraan te laten rijden. Op het circuit gaat het om ongeveer 75 mensen. Op het hoofdkwartier in Milton Keynes werken achter de schermen nog zo’n 50 tot 60 teamleden die allerlei zaken analyseren en de data uitpluizen. Verderop in de fabriek is een simruimte waar vier engineers plaats hebben en Van Buren gehuld in korte broek en t-shirt plaatsneemt in de simulator, uiteraard met een helm op om te communiceren met de engineers die verderop naar de schermen zitten te turen. Een krappe monocoque met daarin het stuur en de pedalen zoals die ook in de Red Bull-wagen zitten. Voor zich ziet Van Buren een enorm scherm waarop het team elk circuit op de F1-kalender tot in de kleinste details kan uitbeelden. “Ik heb in principe alleen maar met die vier engineers in de simruimte te maken”, zegt Van Buren, die zich immer bescheiden opstelt en zichzelf ‘een klein puzzelstukje’ in het geheel noemt. “Zij staan weer in contact met wat we HQ noemen en zij hebben contact met het circuit.”

Het codewoord: correlatie

Van Buren verzorgt dit jaar ongeveer de helft van de races Track Support, Daniel Ricciardo doet dit jaar ook een aantal races. “Ik vlieg op woensdag naar Engeland en dan is de donderdag grotendeels een dag om te ontwikkelen. Eventuele wijzigingen voor dat weekend aan bijvoorbeeld kerbstones kunnen we nog doorvoeren, maar meestal gaat het om de weekenden erna.” Ter voorbereiding op de Grand Prix hebben Verstappen en Perez vaak ook al tijd doorgebracht in de simulator: “De set-up is dan al gemaakt”, aldus Van Buren. “Aan het eind van de donderdag maak ik nog een paar runs op het circuit waar dat weekend geracet wordt, om wat ritme op te doen en te zorgen dat ik er goed in zit.” Het raceweekend begint vervolgens op vrijdagmorgen met de eerste vrije training. “Die kijk ik volledig en vervolgens luister ik naar de debrief.” In die debrief kijken de coureurs terug op de sessie, geven ze aan waar ze beperkingen voelen en waar nog snelheid gevonden kan worden. “Dan beginnen wij met het checken van de correlatie, het gripniveau op het circuit is bijvoorbeeld elke dag variabel. Dan zijn er al een paar zaken die we kunnen doen voor het team, maar er zit vaak weinig tijd tussen VT1 en VT2. Tijdens de tweede training begint het echt. Dan komen de verzoeken van het circuit die we doorlopen. En dan zijn we klaar als de hele lijst afgewerkt is. Dat kan vrijdagavond halverwege de avond zijn, het kan ook middernacht worden. Dan naar het hotel en de volgende ochtend zit ik om acht uur weer in het vliegtuig naar Nederland.”

De correlatie waar Van Buren het over heeft is het codewoord in de simulator. Correlatie betekent in feite: hoe goed komt de sim overeen met wat de auto in realiteit doet. Het is een van de redenen dat Verstappen een deel van het simwerk voor zijn rekening neemt. Logisch, vindt Van Buren. “Hij weet precies hoe de auto voelt. Als er een ontwikkeling aan de sim is en er zijn vijf varianten waaruit we moeten kiezen, dan kan ik het van die vijf wel terugbrengen naar twee varianten. Max hoeft er dan nog maar twee te testen en daaruit te kiezen.” Hoe moeilijk is het om de correlatie goed te krijgen? “Dat is lastig, maar als het model goed is kom je al heel ver”, zegt Van Buren. “Het physicsmodel is het brein van de sim. Als dat klopt en je geeft daar de waardes in van de echte auto, zou je al heel snel goed moeten zitten. Formule 1-teams werken al jaren om dat brein beter te maken, dus dat wordt ook steeds beter. In de weekenden is het een kwestie van finetunen. Dan draait het meer om het inspelen op omstandigheden dan dat je daadwerkelijk problemen hebt met het model. Dat komt eigenlijk niet voor. Natuurlijk zijn er altijd dingen die moeilijker zijn om exact te kopiëren, maar ik denk dat ik over het algemeen kan zeggen dat F1-sims zo goed zijn dat het heel dicht bij de werkelijkheid komt.”

Het inspelen op onverwachte situaties is ook een thema. Hypothetisch: op Spa-Francorchamps kan het op vrijdag stortregenen terwijl het de rest van het weekend stralend mooi weer kan zijn. Is de vrijdag dan voor niets geweest? “Je hebt natuurlijk op basis daarvan altijd een voorspelling. Als het regent op vrijdag, weet je voor zaterdag al een paar dingen die in de voorspelling meegenomen kunnen worden zoals het gripniveau en andere zaken. Dat wordt dan meegenomen in de manier waarop je een vrijdag indeelt. Er is dan effectief minder te testen als dat ze de hele dag in relevante omstandigheden gereden hebben, maar nog komen er allerlei vragen van het circuit. De sim is dan een belangrijke tool om dingen te testen die ze eventueel in aanloop naar de derde training nog kunnen veranderen.”

Meerdere wegen naar Rome

“Soms zijn het tien verzoeken, soms zijn het er dertig”, verklaart Van Buren. Hij zit dan in de sim om ze allemaal door te nemen. “Die verzoeken kun je zien als kleine wijzigingen waarmee je alle kanten op kunt. Het zijn geen dertig verschillende onderdelen die veranderd worden. Er zijn meerdere standen en meerdere wegen die naar Rome leiden om bij de ideale set-up te komen.” Zoeken naar een speld in een hooiberg? “Het kan zijn dat je dertig runs van een paar ronden doet en dan proberen we heel wat settings om te kijken of er iets uit te halen valt.” Met hagel schieten is nooit aan de orde als het een dag niet loopt. “Het is de kracht van een F1-team om niet met hagel te schieten. Er is altijd een constructieve manier om tot een oplossing te komen.”

Het is een proces waar Van Buren zich moet verplaatsen in wat een coureur voelt en dus ook de stijl van Perez en Verstappen moet aannemen. “Normaal zitten er ongeveer twee schakels tussen mij en de coureurs, dat valt wel mee”, zegt de Leeuwarder. “Soms zijn er dingen die ik moet weten vanuit bepaalde finesses of hoe Max ze bijvoorbeeld omschrijft. Natuurlijk pak ik dan de telefoon en is het zo duidelijk. Normaal gesproken loopt het via de engineers, maar er zijn ook dingen die ik niet kan weten omdat ik niet met de echte auto gereden heb. Dan moet je eerlijk zijn en het vragen.” Of, zo zegt Van Buren met een knipoog: “Dan wordt het toch een keer tijd om met een historische F1-auto te rijden.”

Rudy van Buren werkt Red Bull F1 Simulator Test and Development Driver mee aan het succesverhaal van Verstappen:

Rudy van Buren werkt Red Bull F1 Simulator Test and Development Driver mee aan het succesverhaal van Verstappen: "Ik ben maar een klein onderdeel van de puzzel."

Photo by: Red Bull Racing

Heel vaak lukt het wel om tot een goede oplossing te komen. “In feite werkt het zo: de engineers bedenken iets, ik rijd ermee en geef feedback op wat het doet. Wat vind ik? Wat werkt en wat werkt juist niet? Daar komt dan weer een verhaal uit en dat nemen we mee naar de volgende wijzigingen.” Met een paar muisklikken kan er een aanpassing gedaan worden: “Bij ons zit er zo een nieuwe vloer onder de auto terwijl ze op het circuit een uur moeten schroeven.” Van Buren heeft geen inspraak op wat er getest wordt en wil het liefste ook niet weten welke wijzigingen doorgevoerd worden: “Dan kan ik ook geen vooroordeel vormen. Als ze mij zeggen wat ze doen, weet ik in theorie wat het resultaat zou moeten zijn. In het begin kreeg ik echt termen om de oren geslingerd waardoor ik dacht: ‘Waar ben ik mee bezig?’. Tegenwoordig kom ik steeds vaker in de bekende straatjes en herken ik wat er gebeurt. Op het gebied van details heb ik liever niet dat ze zeggen wat ze doen. Dan ga je er blanco in en geef je ook eerlijke feedback.”

Puur op gevoel

In F1 draait alles om data, maar een coureur en ook de simmer van dienst geeft zijn mening op basis van gevoel. In zijn eerste jaar als F1-simmer bij McLaren kwam er ontzettend veel op hem af: “Maar het autogevoel was gelijk goed. Er is altijd een stijl van werken en de communicatie waar je aan moet wennen, dat was bij McLaren het moeilijkste. In het begin stroom je dan over van alle informatie die je moet registeren. Bij Red Bull was dat al veel minder een probleem.” Zijn ervaring in de simracerij heeft daarbij geholpen: “Daar is de basis gelegd”, vindt Van Buren. “Verder is het een proces dat moet groeien. Iedereen kan hard rijden in een sim, maar feedback geven en voelen wat een auto doet en dat vertalen naar de realiteit, daar zit de crux. Dat moest groeien, maar dat werkt bij Red Bull nu heel goed.”

Op die manier kan Van Buren, die met zijn bedrijf FLOW ook simulators bouwt voor klanten, bijdragen aan het verbeteren van de simulator die in Milton Keynes gebruikt wordt. “Het gaat om kleine dingen, maar soms zijn er zaken die ik thuis wel voor elkaar heb, maar die bij Red Bull anders zijn of beter moeten. Dat is altijd bespreekbaar en dat maakt Red Bull ook zo goed: er is geen negatieve lading als zoiets besproken wordt omdat het maar een ‘thuissim’ is. Nee, dan kijken we gelijk hoe we het beter kunnen doen en hoe we het pro-actief kunnen aanpakken om het beter te doen.” De perfectionist Van Buren benadrukt nog eens dat hij slechts een klein puzzelstuk in het geheel is: “Maar ik wil wel dat mijn puzzelstukje goed is. Op een gegeven moment verdwijnt de bewijsdrang dat je een snelle tijd moet rijden. Nee, je wilt weer een stap zetten met de simulator en de ontwikkeling van de auto.”

Fysiek en mentaal is het een veeleisende job, zwaarder dan de meeste mensen denken. “We hadden pas wat ontwikkelingen en het kwam erop neer dat ik op één dag vier keer ongeveer driekwart van een racerun deed op Barcelona. Je kunt je voorstellen hoe ik me na de derde voelde, dan heb je een pittige dag en dat voel je. Het voordeel? Je kent in ieder geval de rempunten.” Het is vrij warm in een simulator waardoor het fysiek pittig is, maar vooral mentaal komt er veel bij kijken. “Best wel taai”, omschrijft Van Buren het. “Qua fysiek heb ik geen limieten in de sim. Je trapt bij het remmen 120, 130 kilo weg. Afhankelijk van het circuit voel je dat aan het eind van de dag wel. Maar mentaal komt er een hoop op je af. Een hoopt licht, fratsen en snelle objecten die de hele dag voorbijflitsen. Voor je ogen is dat wel eens schakelen.”

‘Mijn dag is geslaagd als dat ding als een kogel gaat’

Red Bull kende in 2023 een vliegende start. Vanaf de eerste meter lag de RB19 goed op de baan en was duidelijk dat de regerend wereldkampioen ook dit jaar weer een bepalende factor zal zijn in de koningsklasse. Tijdens de wintertest keek Van Buren vanuit de sim in Milton Keynes met enthousiasme naar de verrichtingen op het circuit. “Je bent de hele winter met elkaar bezig en dan zie je het voor het eerst echt op de baan. Klopt het wat we denken? Komt het überhaupt eruit op het circuit? Lopen we tegen problemen aan? Blijft het allemaal heel? Dat zijn allemaal vraagtekens. En als je dan ziet dat je de eerste dag goed doorkomt, en eigenlijk de tweede en derde dag ook… Ja, het was gewoon een succesvolle test.”

Het gevoel van een goede dag in de simulator geeft een enorme kick, erkent Van Buren. “Als we het programma voltooid hebben, als we nieuwe ontwikkelingen geprobeerd hebben die werken, als de sim weer een stuk beter is en – vooral – als de engineers lachen. Dan weet je dat het een goede dag is geweest. Soms zijn er dagen dat je moet doorbijten en dat het niet allemaal hosanna is, maar dat hoort erbij. Maar op de dagen waar je qua afstelling dingen kunt verbeteren, of dat je in een raceweekend nog een paar tienden pakt… Als ik dan op zaterdagochtend naar de derde training kijk en zie dat die auto weer als een kogel gaat, dan is mijn dag geslaagd.”

Van Buren heeft zijn raceprogramma voor 2023 inmiddels bekendgemaakt. Hij keert dit seizoen niet op vaste basis terug in de Porsche GT-racerij, maar heeft een deal getekend om een volledig seizoen EK Autocross af te werken. Ook op de Nederlandse autocrossbanen komt Van Buren dit jaar regelmatig in actie.

Zie ook:

Sluit je aan bij de Motorsport community

Praat mee
Vorig artikel Zo greep Zuid-Afrika uiteindelijk naast plek op F1-kalender 2023
Volgend artikel Ferrari worstelt met bandenslijtage: "Eerder slechter dan beter geworden"

Beste reacties

Er zijn nog geen reacties. Wil je er één schrijven?

Meld je gratis aan

  • Snel toegang tot je favoriete artikelen

  • Stel alerts in voor breaking news en je favoriete coureurs

  • Laat je horen met de reactiemodule

Motorsport prime

Ontdek premium content
Abonneer

Editie

Nederland