Exclusief: De Jong optimistisch: "Dit jaar voor leuke resultaten gaan"

Er werd nagedacht over een overstap naar de IndyCar en de LMP2, maar het is uiteindelijk een vierde seizoen in de GP2 geworden. Motorsport.com sprak met Daniël de Jong over zijn besluit in de MP Motorsport-fabriek in Westmaas.

Wat zijn je plannen voor het aankomende GP2-seizoen?

"Uiteraard wil ik zo goed mogelijke resultaten behalen. Voor mijn gevoel kunnen we er komend seizoen goed bij zitten. MP is de afgelopen jaren als team flink gegroeid. We zijn tegenwoordig altijd sterk in de races. We moeten de auto alleen nog beter voor elkaar zien te krijgen voor de kwalificaties. Maar daar hebben we tijdens de test na afloop van het vorige seizoen hard aan gewerkt. Het kwalificeren is ook nog iets waar ik zelf nog verder aan moet werken. Het probleem is dat ik tijdens de kwalificaties nog iets te lief ben voor de auto. Ik moet eigenlijk nog wat agressiever zijn. Daar probeer ik in de simulator in Delft te verbeteren. Daar probeer ik zeker één keer per week te zijn."

"Zodra het kwalificeren goed gaat, dan komen de resultaten vanzelf. Een goede kwalificatie maakt namelijk een enorm verschil in de GP2. Als je op plek tien start, dan heb je bij de eerste doorkomst al elf seconden achterstand op degene die aan de leiding ligt. Zie dat maar eens dicht te rijden, terwijl je ook nog tijd kwijt bent aan het inhalen. Doordat ik moeite had met kwalificeren, startte ik vaak rond plek twintig en dan zit je met hetzelfde verhaal als je naar een plek in de top-tien wil komen. Meestal lukte het me wel aardig om naar voren te komen, maar op een gegeven moment zijn je banden op. Als je vooraan start, dan ben je ook minder snel betrokken bij aanrijdingen. Iedereen rijdt daar toch met wat meer verstand. Achter in het veld wordt meer risico genomen en is het vaak de dood of de gladiolen.”

Je hebt vorig jaar wel flink om je heen gekeken.

“Klopt. Ik wilde in eerste instantie na drie seizoenen in de GP2 wel wat anders gaan doen en daarom zijn we vorig jaar gaan kijken naar wat er nog meer is. We hebben eerst een tijdje naar Amerika gekeken, maar als je die stap maakt, dan wil je dat niet voor een jaartje doen, maar dan wil je daar meteen een jaar of drie zitten. Misschien is het zelfs verstandig om eerst een seizoen in de Indy Lights te rijden om zo de circuits te leren kennen en pas daarna naar de IndyCar te gaan. Maar het was uiteindelijk allemaal net wat te duur. Zelfs al zou je het nodige aan prijzengeld bij elkaar rijden, dan nog zou je een flink bedrag zelf mee moeten nemen. Het is bovendien niet gemakkelijk om daar aan sponsors te komen.”

Je hebt in het najaar van 2014 zelfs nog een test gedaan in de IndyCar, met Bryan Herta Autosport.

“Ja, Arie Luyendyk heeft ons geholpen om dat te regelen. Hij heeft me ook een beetje verteld hoe het is om daar te racen. We hebben ’s avonds laat nog samen een rondje over de Indianapolis Motor Speedway gereden met de huurauto. Dat was superleuk. Ik was daar een half dagje om bij het team te kijken, voordat we de volgende dag naar het circuit van Sebring vlogen voor de test. Het circuit was niet open, maar Luyendyk zei dat we misschien nog wel een kijkje konden nemen op het binnenterrein. We werden tegengehouden door de beveiliging, maar toen het raampje omlaag ging, werd Luyendyk natuurlijk direct herkend. Vervolgens stelde de bewaker voor om een paar rondjes met zijn auto over het circuit te doen. Het was donker, dus je zag niet veel, maar hij kon wel precies aanwijzen waar de punten zijn waar je moet insturen. Dat was ontzettend gaaf. We zijn daarna met elkaar in contact gebleven.”

Hoe is die test op Sebring verder verlopen?

“Het was heel erg leuk. Ik denk dat een GP2-auto op een kleiner baantje wel een tandje sneller is, omdat een IndyCar toch wel een logge en brede wagen is. Maar op de ovals gaat dat ding natuurlijk megahard. De dag verliep verder erg goed. Ik moest wel wennen aan de auto, omdat die toch anders reageert dan een GP2 en om een andere rijstijl vraagt. Maar aan het einde van de dag had ik een redelijk goed idee hoe je met zo’n wagen moet rijden. Ik ben er ook achter gekomen dat IndyCar fysiek best een zwaar kampioenschap is. Je hebt geen stuurbekrachtiging en de wedstrijden duren twee uur, waarvan je er soms ook nog twee in een weekend hebt. Nu ben ik toch iemand die vrij veel traint, maar in de IndyCar moet je wel een Hercules zijn om het twee uur in die auto te kunnen volhouden.”

Racen op ovals. Lijkt dat je wel iets?

“We hebben wel gekeken of we een test op een oval konden doen. Het is echt een vak apart. Stefano Coletti, die een jaar geleden van de GP2 naar de IndyCar is gegaan, deed daar eerst heel makkelijk over, maar moest flink op zijn woorden terugkomen. Het lijkt heel simpel, maar het is gewoon heel moeilijk. Ik heb ook van rijders gehoord dat ze in het begin schrokken van hoe hard het eigenlijk wel niet ging. Ik geloof dat je soms de 340 of 350 kilometer per uur wel haalt. En ondertussen werken je remmen niet, want die zijn ijskoud doordat je ze onder het rijden helemaal niet aanraakt. Als er voor je wat gebeurt, dan ben je binnen een fractie van een seconde al bij de crash, dus je moet ver vooruit kunnen kijken. Het is tricky, maar ook supergaaf. Het lijkt me nog steeds heel mooi, hoor. Maar het moet wel financieel haalbaar zijn. Het mooiste zou natuurlijk zijn als je er aan het einde van de rit nog wat aan kan verdienen. Racen is leuk, maar er moet op een gegeven moment ook brood op de plank komen.”

Daniel De Jong, MP Motorsport
Daniël de Jong doet nog een jaar GP2 bij MP Motorsport.

Foto: GP2 Series Media Service

Je hebt ook een overstap naar de LMP2 overwogen.

“Dat was ook zeker een optie. We hebben vorig jaar een test met Eurasia Motorsport gedaan op Zandvoort. Ze waren op zoek naar een plek in Europa waar ze de wagens konden stallen. We hebben ze toen ruimte bij ons in de fabriek aangeboden, maar in ruil daarvoor wilden we als MP zijnde er wel graag een test met een van hun auto’s doen. Dat hebben we dus gedaan. Het was heel leuk. Het was alleen jammer dat we op het rechte stuk steeds een beetje moesten liften vanwege de geluidsregels. Maar het was een goede ervaring. Zo'n wagen rijdt toch heel anders dan een formuleauto."

"Aan het einde van het jaar zijn we nog bij een LMP1-team gaan kijken in Bahrein, toen de GP2 daar ook een raceweekend had. Daar drong pas goed tot ons door dat er niet echt strijd is in die klasse. Je hebt drie fabrieksteams en een paar privéteams, die tien seconden langzamer zijn. Het zijn wel mooie auto’s, maar we misten in de LMP1 toch de echte gevechten. In de LMP2 is het een iets ander verhaal. Maar daar rijden ze dit jaar voor het laatst met het oude model, dus ik denk dat het voor MP een jaar te vroeg zou zijn geweest om in te stappen. We denken dat het veld in deze klasse volgend jaar ook veel voller zal zijn, wat het allemaal een stuk leuker zou maken. Maar ook hier speelt het financiële aspect. Het scheelt dat je het budget kan delen met een paar andere rijders, maar de ‘running costs’ in de langeafstandsracerij liggen veel hoger dan in de GP2, domweg doordat je veel meer kilometers maakt.”

Wat heeft je uiteindelijk doen besluiten om nog een jaar GP2 te doen?

“De GP2 is een gigantisch zwaar kampioenschap. Je rijdt met een mooie auto met veel vermogen en er doen veel goede coureurs mee, waardoor er enorm veel strijd is. Wat wil je als rijder nog meer? Daarnaast is het team er al. En als de mogelijkheden er zijn, waarom zou je dan niet nog een jaar doen? MP is als team ook steeds sterker aan het worden, dus misschien is dit juist wel het moment om de zaken daar nog iets beter voor elkaar te krijgen en voor leuke resultaten te gaan. Het niveau in de GP2 is bovendien heel hoog en daar leer je als coureur heel veel van. Je leert echt om de laatste tienden en honderdsten uit je auto te trappen. Van de dingen die ik daar leer, zal ik later ook veel profijt hebben als ik bijvoorbeeld naar de toerwagens ga. Maar ik heb me wel voorgenomen dat dit mijn laatste jaar in de GP2 is. Hierna wil ik wat anders doen.”

Je hebt vorig jaar je rug gebroken bij een zware crash in Spa. Hoe is het daar nu mee?

“Goed. Ik heb er eigenlijk geen last meer van. Als ik aan het einde van de dag moe ben en een beetje raar zit, dan voel ik het heel soms nog wel. Maar dat was een paar maanden geleden meer dan nu. Ook uit de foto’s die van mijn rug zijn genomen, blijkt dat alles weer in orde is. Ik merk ook helemaal niets van het plaatje dat in mijn rug zit. Alles functioneert zoals het hoort. Best wel bizar eigenlijk, als je foto’s van de auto van na de crash terugkijkt. Toen ik die foto’s voor het eerst zag, realiseerde ik me pas goed dat ik er best wel goed vanaf ben gekomen. Het stuur was gebroken, de helm was gescheurd en de headrest was dubbel gevouwen. Je kan echt zien dat ik met 180 kilometer per uur in de muur ben beland en dat ik alles gewoon vol op mijn hoofd gekregen. De helm heeft zijn werk goed gedaan.”

Je was eind vorig jaar nog maar net terug of je had alweer een angstig moment in Abu Dhabi, waar je onder een paar auto's werd bedolven.

“Dat was voor het eerst in mijn carrière dat ik mijn ogen dicht deed bij een crash. Normaal houd ik ze altijd open. Ik zag het misgaan en dacht bij mezelf: ‘Wat gaat er nou weer gebeuren?’ Ik kwam in een sandwich terecht en durfde niet meer te kijken. Toen ik mijn ogen weer open deed, voelde ik alles warm worden doordat er brandstof over me heen was gekomen. Vervolgens heb ik me snel uit de voeten gemaakt. Ik heb een litteken op mijn rug aan het incident overgehouden, omdat ik een brandwondje had. Ik heb daar opnieuw geluk gehad. Maar meestal gebeurt er weinig bij een crash. In Spa had er op zich ook niet veel hoeven te gebeuren, maar het liep allemaal net even raar en mijn stoeltje bleek achteraf ook niet ideaal. Ik had net een nieuwe gemaakt en bij mijn rug zat het niet helemaal super. Het kan zijn dat dit ook een rol heeft gespeeld bij mijn blessure, maar dat is lastig te zeggen.”

Er wordt in de Formule 1 nu gesproken over een boogconstructie op de auto, die later ook in de lagere klassen moet worden ingevoerd. Een goede ontwikkeling?

“Ik denk dat het wel goed is dat zoiets er komt. As we alles toch zo veilig aan het maken zijn, waarom zouden we het hoofd dan niet beter gaan beschermen? Ik ben er goed vanaf gekomen, maar Jules Bianchi bijvoorbeeld niet. Ik ben het er alleen niet mee eens dat op de circuits alle grindbakken vervangen worden voor uitloopstroken. Het was juist de kick om de limiet op te zoeken en dat het meteen afgelopen was als je over die limiet heen ging. Maar als een coureur nu wil weten waar de limiet ligt, dan gaat ie gewoon vol gas de bocht in en dan ziet ie wel. Hij heeft toch alle ruimte om eraf te vliegen. Dat vind ik wel zonde. Maar als de auto veiliger gemaakt kan worden, dan is het dan alleen maar beter. Het is uiteindelijk maar een sport. Waarom zou je onnodige risico’s nemen?”

 

Schrijf een reactie
Geef reacties weer
Over dit artikel
Raceklassen FIA F2
Coureurs Daniël de Jong
Teams MP Motorsport
Artikel type Interview