Overslaan naar hoofdinhoud

Aanbevolen voor jou

F1-update: Max Verstappen verklaart crash in Zandvoort, coureurs kritisch op safety car-keuze FIA

Formule 1
GP van Nederland
F1-update: Max Verstappen verklaart crash in Zandvoort, coureurs kritisch op safety car-keuze FIA

"Dit sloeg nergens op" – F1-coureurs bekritiseren FIA na safety car-keuze in Dutch GP

Formule 1
GP van Nederland
"Dit sloeg nergens op" – F1-coureurs bekritiseren FIA na safety car-keuze in Dutch GP

Antonelli: Mercedes is ‘duidelijk’ niet langer beste team in F1

Formule 1
GP van Nederland
Antonelli: Mercedes is ‘duidelijk’ niet langer beste team in F1

Franco Colapinto en Mercado Libre-topman halen uit naar FIA-stewards na straffen in Dutch GP

Formule 1
GP van Nederland
Franco Colapinto en Mercado Libre-topman halen uit naar FIA-stewards na straffen in Dutch GP

Carlos Sainz noemt straf voor contact met Alex Albon ‘terecht’: ‘Slechtst mogelijke uitkomst’

Formule 1
GP van Nederland
Carlos Sainz noemt straf voor contact met Alex Albon ‘terecht’: ‘Slechtst mogelijke uitkomst’

Rosberg: Mercedes zal zich zorgen maken over McLaren in F1-titelstrijd

Formule 1
GP van Nederland
Rosberg: Mercedes zal zich zorgen maken over McLaren in F1-titelstrijd

Lewis Hamilton verklaart radio-uitbarsting over teamorders in Dutch GP

Formule 1
GP van Nederland
Lewis Hamilton verklaart radio-uitbarsting over teamorders in Dutch GP

Nico Rosberg verdedigt teamorders van Mercedes tussen Kimi Antonelli en George Russell in Dutch GP

Formule 1
GP van Nederland
Nico Rosberg verdedigt teamorders van Mercedes tussen Kimi Antonelli en George Russell in Dutch GP

Als je kijkt naar de huidige stand in het kampioenschap, lijkt het bijna onmogelijk dat het kampioenschap beslist wordt voor de laatste race. Net als vorig jaar kunnen we weer genieten van een bijzonder spannende titelstrijd, waarbij drie man evenveel kansen lijken te hebben. Die spanning was in het verleden soms ver te zoeken. Sterker nog: het is al meerdere malen voorgekomen dat het kampioenschap rond deze tijd al was beslist. Vandaag in de special: vroege kampioenen.

Komend weekend zal de Grand Prix van Hongarije in het teken staan van de felle strijd tussen McLaren en Ferrari en tussen Kimi Raikkonen, Felipe Massa, Lewis Hamilton en heel misschien de mannen van BMW. Voor Formule 1-begrippen een behoorlijk open titelstrijd. Zeven jaar geleden stond de Grand Prix van Hongarije echter in het teken van het wereldkampioenschap van Michael Schumacher en negen jaar daarvoor werd Nigel Mansell kampioen op het bochtige baantje. Kampioen in augustus... We mogen blij zijn dat het tegenwoordig wat spannender is.

Die vroege wereldkampioenschappen waren altijd het gevolg van zeer dominante teams, gekoppeld aan een coureur die de auto volledig naar zijn wens had. Nigel Mansell reed in 1992 in een Williams, die propvol zat met de nieuwste elektronische snufjes. Actieve wielophanging, tractiecontrole, allemaal hulpmiddelen die andere teams niet hadden. Maar Mansell had een teamgenoot en niet de minste. Riccardo Patrese wist wel degelijk hoe je een auto moest besturen, maar de Italiaan was geen partij voor Mansell. Dat kwam omdat Mansell blind vertrouwde op de hulpmiddelen en Patrese daar veel meer moeite mee had. Patrese was opgegroeid met auto's uit de jaren '70, waar je veel meer een ei onder je gaspedaal moest hebben. Het is te vergelijken met de woorden van Valentino Rossi, die de snelheid van Casey Stoner voor een deel toeschreef aan diens blinde vertrouwen in de hulpmiddelen. Het instinct van Rossi weerhield hem ervan hetzelfde te doen, net als bij Patrese.

Mansell koerste dus onbedreigd af op de titel en in Hongarije had hij aan een tweede plaats achter Ayrton Senna genoeg om zijn titel binnen te halen. In 2001 kende de Formule 1 een vergelijkbare situatie, met een dominante Michael Schumacher in een perfect op hem afgestelde Ferrari. Ook de Duitser had weinig te vrezen van zijn teamgenoot. Niet zozeer omdat Rubens Barrichello niet vertrouwde op de Ferrari, maar meer omdat Schumacher de absolute, onbetwiste nummer één was binnen het team. Barrichello had daar soms moeite mee, maar schikte zich in zijn rol.

Het werd soms pijnlijk duidelijk dat Barrichello niet hoefde te rekenen op een wereldtitel, want ook als hij gewoon sneller was dan Schumacher, werd hem doodleuk gevraagd om aan de kant te gaan en zijn positie op te geven. Oostenrijk 2001 en 2002 waren daarvan de meest schrijnende voorbeelden. Nu was Schumacher over het geheel gezien ook duidelijk sneller dan Barrichello, maar de Braziliaan had eigenlijk alleen kans op succes als Schumacher het goed vond, of uitgevallen was. Iets wat Patrese ook ondervond in 1992, overigens. Soms was hij sneller dan Mansell, zoals in Magny-Cours, maar toen floot Williams hem gewoon terug.

[img,106655,left,Schumi wint in Frankrijk]Zo win je dus het snelst een kampioenschap. Een dominante auto met een coureur die de volledige steun krijgt van zijn teamgenoot. Overigens waren de Hongaarse races in 1992 en 2001 niet het toneel van het vroegste kampioenschap ooit. Die eer gaat naar het circuit van Magny-Cours, waar Michael Schumacher al op 21 juli 2002 de wereldtitel binnen haalde. Na elf races had de Duitser al 96 punten verzameld, door onder meer acht overwinningen. De tweede man op dat moment, Juan Pablo Montoya, stond nog op 34 punten.

Die tijden van absolute dominantie van één team en coureur zijn voorbij en voor de fans is dat maar goed ook. Want hoewel Schumacher een enorme schare fans had en heeft, zelfs de Duitsers hadden het op een gegeven moment wel gezien. De kaartverkoop in Hockenheim liep terug en de kijkcijfers namen af. Het bewijst maar weer dat je nog zo'n fan kan zijn van een coureur, als hij alles blijft winnen gaat dat uiteindelijk ten koste van de sport.

Net binnen

Vorig artikel Massa vol vertrouwen over komende races
Volgend artikel Kovalainen rijdt ook in 2009 voor McLaren

Beste reacties