100e race: de geschiedenis van de Indy 500

Indy 500: Greatest Spectacle in Racing (3)

Na de overwinning van Jim Clark brak het tijdperk aan van de wagens met de motor achterin. Geniet van deel 3 van onze fotoreeks over de geschiedenis van de Indy 500.

De startcrash van 1966

De startcrash van 1966
1/30

Het gaat er hevig aan toe in 1966. Maar liefst 14 wagens zijn betrokken bij een massacrash vlak na het vallen van de groene vlag. Enkel A.J. Foyt blesseert zich aan de hand terwijl hij over een hek wil springen. Na een uitgebreide schoonmaakbeurt knalt Johnny Boyd ook nog eens de muur in. Een van de meest chaotische starts ooit van een wedstrijd.

Photo by: IndyCar Series

Dubbele spin voor Jim Clark

Dubbele spin voor Jim Clark
2/30

Ook de grote Jim Clark ging weleens in de fout. De titelverdediger eindigde toch nog als tweede.

Photo by: IndyCar Series

Winnaar Graham Hill en Dan Gurney

Winnaar Graham Hill en Dan Gurney
3/30

De winst is voor Graham Hill, die hier in gesprek is met Dan Gurney. Gurney was een slachtoffer van het startongeval. Opmerkelijk: Rookie Hill wint, maar toch gaat de titel van beste rookie naar Jackie Stewart, die voor Hill aan de leiding lag en tien ronden voor het einde met een kapotte oliepomp moest opgeven.

1967: Rookie Jochen Rindt

1967: Rookie Jochen Rindt
4/30

Buiten Groot-Brittannië werd de Indy 500 in Europa al jaren stiefmoederlijk behandeld. Jochen Rindt was een uitzondering. Hij kwam in 1967 en 1968 aan de start met een 24ste en 32ste plaats als resultaat. De finish zou Rindt nooit bereiken.

Photo by: IndyCar Series

Parnelli Jones en de turbinewagen

Parnelli Jones en de turbinewagen
5/30

Vierwielaandrijving en een gasturbine. Teambaas Andy Granatelli slaat Indianapolis in 1967 met verstomming. Aan het stuur zit Parnelli Jones, die op een haar na wint met dit exotische tuig. Hij valt drie ronde voor het einde uit door een kapotte versnellingsbak. Een zegel van zes dollar had het begeven ...

Photo by: IndyCar Series

Nummer drie voor A.J. Foyt

Nummer drie voor A.J. Foyt
6/30

Na het uitvallen van Jones nam A.J. Foyt de kop over. In de laatste ronde moest Foyt zijn wagen voorbij de brokstukken van vier gecrashte wagens sturen op weg naar zege nummer drie.

Photo by: IndyCar Series

1968: Indy goes Hollywood

1968: Indy goes Hollywood
7/30

Paul Newman draait in Indianapolis voor zijn film "Winning". Newman heeft de racemicrobe nadien goed te pakken en zou zelf meer en meer racen en ook partner worden van Newman/Haas.

Photo by: IndyCar Series

Bobby en de familie Unser

Bobby en de familie Unser
8/30

Niet Al, maar Bobby Unser zorgt in 1968 voor de eerste zege in de familie Unser. Bobby Unser rijdt 127 van de 200 ronden en wint, ook al bleef zijn wagen bij de laatste pitstop in de hoogste versnelling steken.

Photo by: IndyCar Series

1969 en de triomf voor Andretti

1969 en de triomf voor Andretti
9/30

Raar maar waar, de editie van 1969 is tot op heden de enige overwinning in de 500 voor de familie Andretti. Dat weet Mario Andretti natuurlijk niet wanneer hij zijn vuist balt aan de finish.

Photo by: IndyCar Series

1970 en 1971: Al Unser neemt over

1970 en 1971: Al Unser neemt over
10/30

Met Bobby Unser begon in 1968 de Unser-traditie in Indianapolis. Zijn vijf jaar jongere broer Al Unser nam de fakkel over in 1970 en 1971. Voor het eerst overschreed het prijzengeld de grens van een miljoen dollar.

Photo by: IndyCar Series

1972: Roger Penske en Mark Donohue

1972: Roger Penske en Mark Donohue
11/30

Fans van IndyCar herkennen misschien de man links, een jonge Roger Penske! Penske won in 1972 zijn eerste Indy 500 als teambaas met rijder Mark Donohue, die in 1975 tragisch om het leven kwam bij de Grand Prix van Oostenrijk. Vandaag zijn Roger Penske en co nog steeds het te kloppen team. Penske is de meest succesvolle teambaas met 16 overwinningen.

Photo by: IndyCar Series

Gordon Johncock en de vervloekte race van 1973

Gordon Johncock en de vervloekte race van 1973
12/30

In Indy-kringen wordt de editie van 1973 vervloekt door meerdere dodelijke ongevallen. Tijdens de oefenritten overleed Art Pollard, Swede Savage zou door complicaties overlijden na een crash in de 59ste ronde. Armando Teran, een crewlid van de ploegmaat van Savage, wilde Savage ter hulp schieten en werd in de pitlane aangereden door een veiligheidwagen. Hij was op slag dood.

Photo by: IndyCar Series

1974: Johnny Rutherford op zondag

1974: Johnny Rutherford op zondag
13/30

In tegenstelling tot het tragische 1973 ging het een jaar later wel goed. De Indy 500 week voor het eerst af van het principe "Never on Sunday". De race vond wel plaats op een zondag en dat zou daarna altijd zo blijven, op de zondag van het Memorial Day weekend. Johnny Rutherford pakte de zege met zijn McLaren-Offenhauser.

Photo by: IndyCar Series

1975: Bobby Unser in de regenstorm

1975: Bobby Unser in de regenstorm
14/30

Net zoals in 1973 kon ook in 1975 de volledige afstand niet afgelegd worden. Een stevige regenbui zorgde na 174 van 200 ronden voor de rode vlag. Winnaar Bobby Unser moest door grote plassen naar Victory Lane rijden.

Photo by: IndyCar Series

1976: Regenpauze in Indy

1976: Regenpauze in Indy
15/30

In 1976 kon het nog erger: Na 103 ronden moest de wedstrijd al gestaakt worden, Johnny Rutherford reed op dat moment aan de leiding. Net toen de wedstrijdleiding de race weer wilde starten, sloeg de volgende wolkbreuk toe. Rutherford werd uitgeroepen tot winnaar, zijn tweede overwinning.

Photo by: IndyCar Series

1977: A.J. Foyt rijdt zich in de geschiedenisboeken

1977: A.J. Foyt rijdt zich in de geschiedenisboeken
16/30

Geschiedenis op de Speedway: A.J. Foyt is in 1977 de eerste die de Indy 500 vier keer wint. "Super-Tex" wordt zo op 42-jarige leeftijd een superlegende.

Photo by: IndyCar Series

1977: A.J. Foyt en de ereronde

1977: A.J. Foyt en de ereronde
17/30

Indy-baas Tony Hulman (links) begeleidt A.J. Foyt tijdens zijn ereronde. Er zit een zekere tragiek in deze foto, want enkele maanden later zal de 76-jarige Hulman overlijden aan een hartinfarct.

Photo by: IndyCar Series

1977 en 1978: "First-Lady" Janet Guthrie

1977 en 1978: "First-Lady" Janet Guthrie
18/30

Janet Guthrie schrijft in 1977 geschiedenis door zich als eerste vrouw te kwalificeren voor de Indy 500. Een jaar later wordt ze zelfs negende. Een record dat standhield tot Danica Patrick.

Photo by: IMS LLC

1978: De formatieronden

1978: De formatieronden
19/30

Het veld rolt achter de pace car in 1978. In het midden van de tweede rij zien we Al Unser, die enkele uren later zijn derde Indy 500 zal winnen. Het is het eerste succes voor de legendarische DFX-V8-motor van Ford Cosworth, die in het daaropvolgende decennium ongeslagen zal blijven.

1979: Rick Mears in de Penske-Cosworth PC6

1979: Rick Mears in de Penske-Cosworth PC6
20/30

Met Rick Mears bestormt een rastalent de Indy 500. Al in zijn derde jaar is het raak voor Mears en voor de eerste keer gebeurde dat in een chassis van Penske, de PC6.

1980: Johnny Rutherford en de "Yellow Submarine"

1980: Johnny Rutherford en de "Yellow Submarine"
21/30

Net zoals in de Formule 1 maakten ook in de IndyCar wagens met grondeffect de dienst uit. De topfavoriet was deze knalgele Chapparal-Cosworth van Johnny Rutherford. Lone Star JR maakte de verwachtingen waar met de polepositie en reed 118 ronden aan de leiding op weg naar de onbedreigde zege. De wagen kreeg de bijnaam Yellow Submarine mee door de knalgele livery van Pennzoil.

Photo by: IndyCar Series

Johnny Rutherford met passagier Tim Richmond

Johnny Rutherford met passagier Tim Richmond
22/30

Op weg naar Victory Lane neemt winnaar Johnny Rutherford de gestrande rookie Tim Richmond mee, wat op alle banken op applaus wordt onthaald. Tim Richmond zou later uitkomen in de NASCAR en stierf in 1989 aan AIDS. Richmond was ook de inspiratie voor het personage van Tom Cruise in de blockbuster "Days of Thunder".

Photo by: IndyCar Series

De controverse van 1981

De controverse van 1981
23/30

Mario Andretti (40) strijdt in 1981 voor de zege in de Indy 500 tegen Bobby Unser (3). Dit duel zal nog veel stof doen opwaaien.

Photo by: IndyCar Series

Bobby Unser over de streep

Bobby Unser over de streep
24/30

Na 200 ronden pakt Bobby Unser zijn derde overwinning. Of toch niet? Tijdens ronde 149 zou Unser onder gele vlag een wagen hebben ingehaald. De zege wordt door de officials aan Mario Andretti gegeven.

Photo by: IndyCar Series

Mario Andretti en de trofee (voor plaats twee...)

Mario Andretti en de trofee (voor plaats twee...)
25/30

De dag na de race mag Mario Andretti poseren met de Borg-Warner-trofee tijdens de traditionele fotoshoot voor de winnaar. Toch is het verhaal van de race nog niet afgelopen. Na heel wat protesten en discussies wordt in oktober de zege alsnog teruggegeven aan Bobby Unser. Voor de zoveelste keer moet Mario Andretti tevreden zijn met de tweede plek.

Photo by: IndyCar Series

1982: Anti-held Cogan

1982: Anti-held Cogan
26/30

In 1982 beleefden we een van de meest iconische en controversiële momenten uit de geschiedenis. Kevin Cogan startte in het midden van de eerste rij en week nog voor de start scherp uit, waardoor hij twee legendes meesleurde in zijn miserie. Zowel Mario Andretti als A.J. Foyt werden het slachtoffer en waren net zoals het publiek ziedend op de arme Cogan. Dit incident zou hij de rest van zijn loopbaan meedragen.

Photo by: IndyCar Series

1982: Gordon Johncock tegen Rick Mears

1982: Gordon Johncock tegen Rick Mears
27/30

Ondanks de vroege uitschakeling van Foyt en Andretti groeide deze Indy 500 uit tot een van de beste aller tijden. Het kwam tot een fantastisch duel tussen Gordon Johncock en Rick Mears. Ze wisselden elkaar regelmatig af aan de leiding en uiteindelijk werd het een drag race uit de laatste bocht. Johncock won met 0,16 seconde voorsprong, op dat moment de finish met het kleinste verschil ooit.

Photo by: IndyCar Series

1983: Supersnelle Tom Sneva

1983: Supersnelle Tom Sneva
28/30

Drie keer (1977, 1978 en 1980) moest Tom Sneva in de Indy 500 tevreden zijn met zilver. Drie keer (1977, 1978 en 1984) pakte hij de pole. De zege halen lukte Sneva maar niet. Tot 1983. Zelfs de blokkerende rookie Al Unser Jr., die zijn vader Al Unser een vierde overwinning wilde schenken, kon Sneva die dag niet van de zege houden. Vanop de pole startte Sneva niet, die was voor de Italiaan Teo Fabi. Hij was de eerste niet-Amerikaan op de pole sinds Jim Clark in 1964.

Photo by: IndyCar Series

1984: Rookie Emerson Fittipaldi

1984: Rookie Emerson Fittipaldi
29/30

In de jaren tachtig krijgt de Indy 500 meer en meer aanzien op internationaal niveau. In 1984 maakte F1-ster Emerson Fittipaldi zijn debuut in een March-Cosworth. De toen al 38-jarige Braziliaan kwam 32 ronden ver, tot hij zonder oliedruk viel.

Photo by: IndyCar Series

1984: Legende Rick Mears

1984: Legende Rick Mears
30/30

Rick Mears pakt in 1984 op indrukwekkende wijze zijn tweede overwinning met twee ronden voorsprong op de Colombiaan Roberto Guerrero. Dat gezegd zijnde, wordt de Indy 500 alsmaar internationaler. Dat zie je in deel vier van deze reeks.

Photo by: IndyCar Series
Schrijf een reactie
Geef reacties weer
Over dit artikel
Raceklassen IndyCar
Evenement Indy 500
Circuit Indianapolis Motor Speedway
Artikel type Toplijst
Tags geschichte, historie, indianapolis 500, indy 500
Topic 100e race: de geschiedenis van de Indy 500