Toto Wolff waarschuwt: geen Mercedes-dominantie in 2026
Mercedes verwacht in 2026 geen nieuwe dominantie zoals in 2014. F1-teambaas Toto Wolff waarschuwt: met de motor alleen win je geen titels meer.
Foto door: Andy Hone / Motorsport Images
Mynt
Bitcoin e criptomoedas? Invista na Mynt.com.br, a plataforma cripto do BTG Pactual
Toen er in 2014 op motorisch vlak een grote revolutie plaatsvond, domineerde Mercedes jarenlang de koningsklasse. Het fabrieksteam won tot en met 2021 acht keer op rij het constructeurskampioenschap en vestigde daarmee een record. Toch waarschuwt Mercedes F1-teambaas Toto Wolff dat er vanaf 2026 geen vergelijkbare successen te verwachten zijn. “We hadden [in 2014] vanaf het begin een voordeel met de motor”, herinnert de Mercedes-teambaas zich. “Maar bij het chassis was er geen concurrentie.” Precies dat is nu anders.
Momenteel is het fabrieksteam namelijk niet eens het snelste Mercedes-team op de grid. Al sinds 2024 heeft klantenteam McLaren de beste papieren. Wolff verwacht daarom dat er in 2026 ook “in eigen huis” stevige concurrentie zal zijn. Zelfs als Mercedes opnieuw de beste motor bouwt, wordt een titel volgens Wolff geen vanzelfsprekendheid. Behalve McLaren mogen ook “Alpine en Williams niet worden onderschat, omdat zij veel extra windtunneltijd hebben”, benadrukt hij.
Eerst de klantenteams verslaan
Met McLaren, Williams en nieuwkomer Alpine voorziet Mercedes in 2026 opnieuw drie klantenteams van motoren. Wolff legt uit: “Als je in een kampioenschap zo ver achterligt als Alpine nu, krijg je, denk ik, zo’n 30 procent meer windtunneltijd. Dat stapelt zich over de jaren op, dus daar moet je voorzichtig mee zijn”, waarschuwt de Oostenrijker. Alpine staat momenteel tiende en laatste in het WK. Volgens de Fransen ligt dat grotendeels aan de Renault-motor.
Mercedes zal de klantenteams moeten verslaan in 2026, waaronder McLaren.
Foto door: Sam Bloxham / Motorsport Images
Vanaf 2026 stapt het team echter over op Mercedes-motoren en profiteert het bovendien van de meeste windtunneltijd in het veld dankzij het handicapsysteem. Voor Wolff is de conclusie duidelijk: “We hebben een competitief chassis nodig, want al onze klanten gebruiken dezelfde motor.” Wie dus opnieuw wereldkampioen wil worden, moet eerst de eigen klantenteams verslaan. Het voorbeeld van McLaren laat zien dat dat tegenwoordig allerminst vanzelfsprekend is.
Fabrieksstatus geen garantie
Over het voordeel van een fabrieksteam zegt Wolff: “Het is tot op zekere hoogte een voordeel, omdat je de richting bepaalt voor het hele concept. Maar als het chassis tekortschiet, doordat je niet genoeg downforce genereert, te veel luchtweerstand hebt, openingen over het hoofd ziet of innovaties mist, dan val je terug.”
Daar komt bij dat door het budgetlimiet geld tegenwoordig geen doorslaggevende factor meer is. “Met geld kun je niemand meer onder druk zetten. Dat was voor de drie grote teams altijd een soort ‘verlaat-de-gevangenis-zonder-te-betalen-kaart’, maar dat werkt niet meer”, aldus Wolff. En dan zijn er nog Honda en Aston Martin, die veel windtunneltijd hebben, en de ‘Adrian-Newey-factor’. “Met de huidige regels kan iedereen succesvol zijn”, waarschuwt de Oostenrijker.
Deel of bewaar dit artikel
Abonneer en krijg toegang tot Motorsport.com met je adblocker
Van Formule 1 tot MotoGP: we brengen het laatste nieuws, diepgaande analyses en exclusieve interviews rechtstreeks uit de paddock. Om ons vak zo goed mogelijk uit te kunnen voeren, worden er op de website advertenties getoond. We merken op dat je een adblocker gebruikt en willen je vragen om deze uit te zetten. Daarnaast geven we je de mogelijkheid om abonnee te worden en voor een klein bedrag te genieten van een advertentievrije website.
Beste reacties