Breaking news

Terug naar 1997: het luchtkasteel van Lola, deel één

Het was dé droom van Lola-oprichter Eric Broadley: nadat de Brit wagens van zijn merk in ongeveer elke autosportklasse had zien winnen, wilde hij koste wat kost de Formule 1 veroveren. Begin jaren '90 kwam het idee, midden jaren '90 de wanstaltige uitvoering. GPUpdate.net blikt terug met Vincenzo Sospiri en Ricardo Rosset, de rijders van destijds, op een project dat altijd zou mislukken.

In 1997 doen twee grote autosportnamen hun intrede in de Formule 1. Naast Lola, dat wereldwijd bekend is vanwege hun sportwagens, debuteert ook Jackie Stewart in de koningsklasse van de autosport als teambaas. De drievoudig wereldkampioen promoveert vanuit de Formule 3, waar zoon Paul al jaren een succesvol team runt. Stewart heeft met Rubens Barrichello en Jan Magnussen een zeer aansprekende rijder en een gehyped talent weten te strikken.

De rijders

"Lola was destijds een zeer gerespecteerde naam", herinnert Sospiri, die medio jaren '90 op veel aandacht van Formule 1-teams kon rekenen. De Italiaan werd in 1995 kampioen in de Formule 3000, de voorloper van wat later de GP2 Series zou worden. In zijn kartjaren had Sospiri de vloer aangeveegd met zijn concurrenten, waaronder Michael Schumacher. Als testrijder van Benetton had Sospiri inmiddels een verbinding met de Formule 1. In 1996 had hij veel testwerk kunnen verrichten, aangezien vaste rijders Gerhard Berger en Jean Alesi 'een beetje lui' waren. Echter: met zijn leeftijd (30 jaar) was hij inmiddels aan de oude kant. "Het was dit, of nog een jaar langs de zijlijn als testcoureur."

Rosset, in '95 vicekampioen in de F3000 achter Sospiri (die in deze klasse ook al zijn teamgenoot was) trapte in de praatjes van Lola, die met MasterCard een zeer grote speler achter zich dacht te hebben. "Ik had in 1996 mijn debuut mogen maken voor Arrows, als stalmaat van Jos Verstappen. Aan het einde van dat jaar hield het echter op voor mij bij dat team, en moest ik verder kijken. Aangezien de stoeltjes niet voor het oprapen lagen, klonk het aanbod van Lola prima. Bovendien liep iedereen in de fabriek rond in teamkleding met het logo van MasterCard erop: er moest wel veel geld achter zitten, zo dachten Vincenzo en ik allebei."

"Er kwam overal lucht doorheen"

De ambitieuze Broadley wilde alles zelf doen: het chassis moest van Lola zijn, de motor eveneens. Al Melling, een gewezen engineer, zou de verantwoordelijkheid op zich nemen om een V10 te ontwikkelen. De drang om nog liever gisteren dan vandaag aan een Grand Prix deel te nemen maakte het echter onmogelijk om de nog te bouwen krachtbron tijdig in het achteronder te leggen. Zodoende werd er uitgeweken naar een Ford Zetec V8, het model dat de tergend langzame (en inmiddels ter ziele gegane) stal van Forti in 1996 had gebruikt.

Ook de wagen was bij lange na nog niet klaar. Van een windtunnel was vanwege het tijdsgebrek overigens niet eens sprake, vertelt Sospiri. Alles moest buigen op de testresultaten die men via computers had verkregen. In de aanloop naar de eerste Grand Prix van 1997, die op 9 maart zou worden gehouden, had men tijd om precies twee dagen te testen. Op dag één vloog een van de twee T97/30's, die op een in 1994 gebouwde Formule 3000-wagen was gebaseerd, na twee rondjes in brand. 

"Ik weet nog goed dat er overal lucht doorheen kwam", blikt Sospiri terug op het tweetal rondjes dat hij met de wagen kon afleggen. "Op dag twee kwam ik niet verder dan een rondje of zes - Ricardo had in die twee dagen 85 ronden gereden. Hoe hij dat deed is me een raadsel, want het ding was onbestuurbaar. We vlogen naar Australië in de wetenschap dat de wagen niet eens in een rechte lijn kon rijden - je moest kracht zetten om het ding in het rechte spoor te houden!"

Niks functioneert - maar toch naar Australië

"Op een gegeven moment kwam Vincenzo naar me toe", zegt Rosset, "hij kijkt me aan, en zegt: Ricardo, voel je dit? Onze Formule 3000-auto was nog beter dan deze wagen!" Rosset heeft op dat moment al vermoedens dat de vork niet helemaal in de steel zit, zoals Lola hem wijsmaakt. "Ik had een meeting met de CEO van de Latijns-Amerikaanse afdeling van MasterCard", vertelt de Braziliaan. "Hij zei me doodleuk dat het bedrijf ons niet zou sponsoren, maar dat mensen een speciale creditcard konden aanschaffen - waarvan een deel van het geld naar ons zou gaan. Des te beter wij zouden presteren, des te meer creditcards er verkocht konden worden, was het idee."

Men belooft Sospiri gouden bergen: "In het eerste jaar moest ik een miljoen betalen, het tweede jaar vijf ton. Maar: in het derde jaar kreeg ik drie miljoen aan salaris en uiteindelijk zou ik iets van twaalf miljoen op mijn loonstrookje zien." Rosset, die financieel gesteund wordt door een grote Braziliaanse bank, worstelt tijdens de testdagen met zijn versnellingsbak. "Soms wilde het ding niet opschakelen, soms kon je niet terug. Maargoed, zodra we de bak aan de praat kregen merkte je wel dat het niet de enige negatieve factor was."

Broadley, Sospiri, Rosset en de twee T97/30's vliegen naar het Albert Park in Melbourne, waar een haast onmogelijke taak op ze staat te wachten. Met de in 1996 geïntroduceerde 107-procentregel (een wet die bepaalt dat je rondetijd maximaal zeven procent langzamer mag zijn dan de poletijd), dat als zwaard van Damocles boven het team hangt, is het nog maar de vraag of ze met de haastig ineengezette wagens de race überhaupt wel gaan halen.

Door: René Oudman

Met medewerking van Mike Seymour (GPUpdate.net UK)

Morgen (maandag) deel twee van onze terugblik op de mislukte poging van Lola om de Formule 1-wereld te veroveren.

Sluit je aan bij de Motorsport community

Praat mee
Vorig artikel Steiner looft Ferrari-motor: “Zij hebben fantastisch werk geleverd"
Volgend artikel Tost gelooft in potentie STR12: "Beide rijders zijn positief"

Beste reacties

Meld je gratis aan

  • Snel toegang tot je favoriete artikelen

  • Stel alerts in voor breaking news en je favoriete coureurs

  • Laat je horen met de reactiemodule

Motorsport prime

Ontdek premium content
Abonneer

Editie

Nederland Nederland