"Standaardwagens betekent einde van F1", waarschuwt Steiner

De Formule 1 mag niet te veel de richting van de IndyCar opgaan door te veel onderdelen te standaardiseren, zo denkt Haas-teambaas Guenther Steiner.

Het Amerikaanse IndyCar-kampioenschap introduceerde voor 2018 opnieuw een standaard aerokit, al zijn er nog bepaalde vlakken waarop de teams zelf onderdelen kunnen ontwikkelen, zoals de ophanging. Dat is veel goedkoper voor de deelnemers, maar in de zoektocht naar een meer betaalbare Formule 1 moet de sport niet te ver in de richting van de Amerikaanse tegenhanger doorslaan, zo denkt Steiner.

"Als de Formule 1 naar standaardwagens gaat, dan betekent dat het einde van de sport. De F1 is het toppunt van de autosport en dus is technologie nog altijd belangrijk", zegt de Haas-teambaas in gesprek met Motorsport.com. "We moeten oppassen dat we de Formule 1 niet te simpel maken. Mensen zijn erg geïnteresseerd in technologie, ook al denken we soms van niet. Daar is de F1 een goed platform voor. We moeten het toegankelijker maken zodat meer mensen weten wat we allemaal doen. We mogen de Formule 1 niet versimpelen zoals de IndyCar, want dan krijg je GP1 en we weten waar dat eindigt. IndyCar is geweldig, maar we moeten ons op onszelf focussen en de sport beter maken."

Dallara levert in de IndyCar de wagens en de Italiaanse constructeur bouwt ook het chassis van Haas. De ervaring van Dallara in verschillende categorieën is volgens Steiner een voordeel. "Hoe meer je met mensen praat, hoe meer je leert", vertelt Steiner. "Ook met de IndyCar praten is niet verkeerd. Anders leer je nooit wat. Maar ik denk dat de F1 een goede structuur heeft opgezet met Ross Brawn aan het roer. Ze weten wat de Formule 1 is en waar de sport naar toe moet. De mensen in de F1 zijn erg intelligent. We weten wat we moeten doen, alleen de manier waarop is een groter vraagstuk."

Met medewerking van Scott Mitchell

Schrijf een reactie
Geef reacties weer
Over dit artikel
Raceklassen Formule 1 , IndyCar
Teams Haas F1 Team
Artikel type Nieuws