Hoe Ron Dennis het McLaren F1-team overnam

gedeeld
reacties

Aan het einde van het seizoen 1980 haalde een jonge en ambitieuze eigenaar van een Formule 2-team de headlines met de overname van het Formule 1-team van McLaren.

Hoe Ron Dennis het McLaren F1-team overnam
Door:
, Journalist
20 apr. 2019 06:00
Jack Brabham, Brabham BT33 Ford met een jonge Ron Dennis in de pits
John Barnard, Ron Dennis en Teddy Mayer achter Tyler Alexander en Creighton Brown poseren met een mo
Teddy Mayer, Ron Dennis en John Barnard
Teddy Mayer (centraal), Tyler Alexander en Ron Dennis in de pits
John Watson, McLaren Ford met teambaas Ron Dennis en ontwerper John Barnard
Ron Dennis kondigt pensioen aan van Niki Lauda
Ron Dennis
Ron Dennis, McLaren-Ford Cosworth, met rijders Niki Lauda en John Watson

Deze 33-jarige ondernemer was de vastberaden en eigenzinnige Ron Dennis, een man die bekendstaat om zijn professionaliteit en oog voor detail. Voor hem was autosport veel meer dan alleen sport, voor hem was het een manier van zaken doen.

Ron Dennis begon zijn carrière in de Formule 1 als monteur bij Cooper, waarna hij ook nog voor Brabham en Lotus werkte. Monteur worden was echter niet zijn doel. Hij wilde zijn eigen organisatie runnen. Dennis vond in de persoon van zijn vriend Neil Trundle een zakenpartner en samen richtten zij in 1971 Rondel Racing op. Hun team kwam uit in de Formule 2 en sportscars, met oliefirma Motul als een belangrijke sponsor.

Rondel wilde vervolgens een stap hogerop en begon een Formule 1-project. Ray Jessop ontwierp een Formule 1-auto, alleen was het niet het juiste moment. Vanwege de oliecrisis in 1973 moest Motul haar financiële steun stopzetten. Dennis richtte zich daarom weer op de Formule 2, waarvoor hij inmiddels de steun van Marlboro had gekregen. Project Four, het team van Dennis, runde ook een door Marlboro gesponsorde inschrijving voor Niki Lauda in de BMW Procar Series.

Ondertussen maakte het Formule 1-team van McLaren een moeilijke tijd door. James Hunt veroverde in 1976 weliswaar de wereldtitel in de koningsklasse van de autosport, maar daarna ging het van kwaad tot erger bij het door de Amerikaanse advocaat Teddy Mayer geleide McLaren. Ontwerper Gordon Coppuck slaagde er in het tijdperk van het ground effect niet in een goed chassis af te leveren.

De hulp van Marlboro

Er was een duidelijke link tussen het Project Four van Dennis en McLaren: Marlboro. Dennis zat regelmatig om de tafel met John Hogan, de marketingdirecteur van Philip Morris. Hogan had niet langer het geloof dat Teddy Mayer de juiste man voor McLaren was en liet zich door Dennis overtuigen dat Project Four de regie over het F1-team moest krijgen, met de financiële steun van Marlboro.

De overname vond plaats in de herfst van 1980. McLaren Racing werd omgedoopt in McLaren International en het team verhuisde van Colnbrook naar Woking. Over wat er in de maanden daarna gebeurde, doen twee verhalen de ronde. Volgens de eerste versie was het een agressieve overname. Teddy Mayer en Gordon Coppock, die al lange tijd aan McLaren verbonden waren, zouden er allebei fel tegen zijn geweest, hun aandelen hebben verkocht en het team boos hebben verlaten.

Versie twee komt van Dennis zelf, in een interview met de officiële Formule 1-website. “Oorspronkelijk was de deal fifty-fifty, maar na achttien maanden zei Teddy - tot mijn verbazing - dat hij zich steeds meer zorgen begon te maken over de hoge kosten voor de turbomotoren en dat hij bereid was te vertrekken. Daardoor kreeg ik de mogelijkheid een meerderheidsbelang te nemen in het bedrijf, die ik meteen heb benut.”

De eerste F1-auto van koolstofvezel

Dennis was vastbesloten dat McLaren van elke beschikbare techniek gebruik moest maken, ook van de technieken die eerder niet eens zijn overwogen in de Formule 1. Hij legde de Britse ingenieur John Barnard vast. Barnard had naam gemaakt met het ontwerp van de Chaparral 2K, een succesvolle IndyCar-wagen - een kopie van de Lotus 79.

In de Formule 1 genereerde het ground effect steeds meer krachten, waardoor er een veel sterker en stijver chassis nodig was. Aluminium was niet langer sterk genoeg; koolstofvezel was voor Barnard en Dennis de oplossing. Buiten de luchtvaart en militaire industrie had hier echter niemand ervaring mee. Uiteindelijk vond Barnard een in Salt Lake City gevestigd bedrijf met ruime ervaring in de materie: Hercules Aerospace.

De McLaren MP4/1 was een door Barnard ontworpen wagen van door Hercules geproduceerd koolstofvezel. De auto werd aangedreven door een Ford Cosworth DFV V8-motor. In 1981 bestuurden John Watson en Andrea de Cesaris de MP4/1. De eerste overwinning kwam dat jaar op Silverstone, waar Watson de Britse Grand Prix op zijn naam schreef. Drie jaar later greep Dennis zijn eerste wereldtitel in de Formule 1, toen Lauda kampioen werd achter het stuur van de TAG Porsche-aangedreven McLaren.

Met medewerking van René Fagnan

Hoe werkt een Formule 1-wagen: Episode 3 - Sidepods

Vorig artikel

Hoe werkt een Formule 1-wagen: Episode 3 - Sidepods

Volgend artikel

McLaren erkent: "Nog een lange weg te gaan"

McLaren erkent: "Nog een lange weg te gaan"

Over dit artikel

Kampioenschap Formule 1
Teams McLaren Shop nu
Auteur Rahied Ishaak
Krijg het laatste
nieuws als eerste