Formule 1
Formule 1
28 mrt.
Evenement is afgelopen
R
Portugese GP
02 mei
VT1 in
16 dagen
09 mei
Volgend evenement over
22 dagen
R
GP van Monaco
23 mei
Race in
39 dagen
R
GP van Canada
13 jun.
Race in
60 dagen
R
GP van Frankrijk
27 jun.
Race in
74 dagen
R
GP van Oostenrijk
04 jul.
Volgend evenement over
78 dagen
R
GP van Groot-Brittannië
18 jul.
Race in
95 dagen
R
GP van Hongarije
01 aug.
Race in
109 dagen
R
GP van België
29 aug.
Race in
137 dagen
R
GP van Italië
12 sep.
Race in
151 dagen
R
GP van Rusland
26 sep.
Race in
165 dagen
R
GP van Singapore
03 okt.
Volgend evenement over
169 dagen
R
GP van Japan
10 okt.
Race in
179 dagen
R
GP van de Verenigde Staten
24 okt.
Race in
193 dagen
R
GP van Mexico
31 okt.
Race in
200 dagen
R
GP van Abu Dhabi
12 dec.
Race in
242 dagen
Volledige:

Retro: Hoe goed was 'Mike the Bike' Hailwood in de autosport?

Vele motorsportlegendes hebben in hun carrière geflirt met de overstap van twee naar vier wielen. Mike Hailwood was zo’n coureur die succesvol de overstap maakte, maar hoe goed was hij nou echt? Op zijn sterfdag kijken we terug op de carrière van Hailwood.

Retro: Hoe goed was 'Mike the Bike' Hailwood in de autosport?

Het behoeft eigenlijk geen introductie, maar op twee wielen was Mike Hailwood waanzinnig goed. Hij hoort tot de grootste rijders die we op aarde gehad hebben. Hij haalde vier wereldtitels en 37 overwinningen in de 500cc-klasse, scoorde twee wereldtitels in de 350cc-klasse met nog eens 16 overwinningen. Hij werd met 21 overwinningen ook 3 keer wereldkampioen in de 250cc-klasse en schreef de legendarische Isle of Man TT 14 keer op zijn naam.

Maar ook in de auto was Hailwood behoorlijk goed, al duurde het even voordat het evident werd. John Surtees was een andere legende die de overstap maakte van twee naar vier wielen. Toen Surtees, die ook vier 500cc-wereldtitels heeft, de overstap maakte scoorde hij al in zijn tweede race een podium. Op het Portugese Oporto reed Surtees zijn derde race en daar scoorde hij pole-position en de snelste raceronde. Hij had moeten winnen, maar een spin laat in de race gooide roet in het eten.

 

Foto: Motorsport Images

Hailwood had daarentegen wat meer tijd nodig om de stap succesvol te maken. Hij won weliswaar twee van de drie wedstrijden in de Formule Junior, maar het materiaal waar de Brit het mee moest doen was minder goed dan waar Surtees de beschikking over had. Eenmaal in de Formule 1 waren de resultaten van Hailwood solide, maar hij kon niet tippen aan de prestaties van die andere legende. In 1963 reed hij een handvol races in een Lotus 24-Climax (destijds een Lola Mk4) van een jaar oud. Een jaar later prepareerde Reg Parnell Racing een Lotus 25 met een BRM V8-krachtbron. Hailwood kwalificeerde zich als zestiende in de Monaco GP en kwam als zesde aan de finish.

Het was wel duidelijk dat er potentieel was, maar hij was niet constant genoeg. Dat had overigens ook te maken met het feit dat Hailwood nog steeds actief was in de motorracerij en daar nog altijd zeer veel succes had. Hij had nog geen plannen om te stoppen en de avonturen op vier wielen waren meer een tussendoortje. Dat leverde hem wel wat problemen op. Op de motor was Hailwood zeer precies en dat maakte hem als motorcoureur zo sterk, het laten glijden van een raceauto was derhalve een grotere opgave voor Hailwood. Na een paar crashes in 1965 en een vette nederlaag ten opzichte van teamgenoot Dickie Attwood vond Hailwood het wel welletjes, hij nam afscheid van de autosport.

 

Foto: Sutton Images

Dat duurde niet lang. Honda trok aan het eind van 1967 de stekker uit het Grand Prix-project en Hailwood was fabrieksrijder af. De Japanners hadden hem voor 1968 nog een jaarsalaris meegegeven zodat hij niet elders zou gaan rijden. Wel kwam hij nog enkele races met een privé-Honda in actie, maar de aandacht verschoof weer richting de autosport. En deze keer kon hij zich richten op het volledig benutten van zijn potentieel.

Een paar keer kwam Hailwood nog in actie op de motor, maar de autosport won het langzamerhand en de focus op deze discipline deed hem goed. In 1969 reed hij de 24 uur van Le Mans in een Ford GT40. Samen met David Hobbs werd hij derde in de Franse klassieker. Dat jaar zegevierde hij op Brands Hatch in het Europese F5000-kampioenschap, dat hem later een derde plaats in het eindklassement opleverde. Een seizoen later bleef hij ook actief bij Epstein-Cuthbert Racing en eindigde hij op de vierde plaats, wederom met een handvol podiumplekken.

De volgende stap was een logische. John Surtees had inmiddels zijn eigen team en was daarmee ook succesvol. In 1971 legde hij Hailwood vast voor het F5000-kampioenschap en dat bleek een goede samenwerking. Als oud-motorracer begreep Surtees de feedback van Hailwood en hij wist als geen ander waar gezocht moest worden naar verbetering. Zelfs reed ‘Big John’ in de andere wagen van het team, de feedback was daardoor bijzonder accuraat.

 

Foto: Motorsport Images

Hailwood zou zich enkel richten op succes in F5000 en dat ging ook vrij goed met vier overwinningen en een tweede plaats in het eindklassement. Maar in het spoor van Surtees keerde hij ook terug in de Formule 1. Op het circuit van Monza kwam hij tot een vierde plaats in een ware thriller. De Italiaanse GP van dat jaar zou in de 32 jaar daarna te boek staan als de snelste Grand Prix ooit. Hailwood eindigde als vierde in een groepje met Peter Gethin, Ronnie Peterson, Francois Cevert en Howden Ganley. Het vijftal kwam binnen 61 honderdsten van een seconde aan de finish.

Surtees zag de progressie van Hailwood en besloot te stoppen als voltijds coureur. Als teambaas bleef hij verantwoordelijk en hij stelde een team samen Tim Schenken en Andrea de Adamich. In het Tasmaanse F5000-kampioenschap maakte Hailwood indruk, tijdens de Race of Champions op Brands Hatch was hij de enige die Emerson Fittipaldi enigszins in bedwang kon houden. Hailwood werd tweede.

Het Formule 1-wereldkampioenschap verliep moeizamer, tussen die beide mooie prestaties zat de Zuid-Afrikaanse GP. Daar was Hailwood op jacht naar Jackie Stewart totdat zijn achterwielophanging het begaf en hij gedwongen moest opgeven. Vier keer scoorde Hailwood punten, de Italiaanse GP was opnieuw het hoogtepunt. Daar eindigde hij als tweede achter Fittipaldi. Over het circuit was Hailwood overigens minder te spreken, de aanpassingen (de komst van chicanes) hadden de Italiaanse omloop geen goed gedaan. Dat Hailwood vervolgens Formule 2-kampioen werd, was een feit dat tot meer tevredenheid leidde.

 

Foto: Motorsport Images

Het hoogtepunt van zijn periode met Surtees werd opgevolgd door een dieptepunt in 1973. Tijdens de Race of Champions ging Hailwood aan de leiding toen zijn achterwielophanging het begaf, een donker voorteken voor wat zou komen. Hailwood viel in tien kampioenschapsraces uit en in de overige vijf waarin hij wel finishte, scoorde hij geen punten. Buiten de auto beleefde Hailwood zijn beste moment. In Kyalami trok hij Clay Regazzoni uit zijn brandende BRM, een daad waarvoor hij later nog een onderscheiding kreeg.

Hailwood stapte over naar McLaren waar hij met Fittipaldi en Denny Hulme, twee voormalig wereldkampioenen, geduchte concurrentie kreeg. Slechts eenmaal wist hij Emmo in een kwalificatie te verslaan, Hulme hield hij acht keer achter zich. Na een podium op Kyalami en nog een paar top-vijf finishes ging het mis op de Nürburgring. Bij een crash brak hij zijn benen waardoor hij nooit meer helemaal goed zou lopen. Hailwood besloot dat het mooi geweest was, hij ging op 34-jarige leeftijd met pensioen en emigreerde naar Nieuw-Zeeland.

 

Foto: David Phipps

Maar het bloed kroop waar het niet gaan kon en Hailwood keerde toch nog een keer terug. In 1977 reed hij een paar wedstrijden in Australië en ook keerde hij terug op het eiland Man. Hij won de beroemde Formule 1-klasse op de TT. Een jaar later keerde hij nog eens terug en schreef hij de Senior TT-race op zijn naam met een Suzuki. Het was het laatste wapenfeit, deze keer eindigde de helm echt aan de wilgen.

Op 23 maart 1981 overleed Hailwood op 41-jarige leeftijd. Hij raakte enkele dagen daarvoor betrokken bij een verkeersongeval toen hij met zijn kinderen David (6) en Michelle (9) huiswaarts reed na het nuttigen van ‘fish and chips’. Een vrachtwagen keerde onverwacht op een illegale plek en Hailwood kon het voertuig niet ontwijken. David raakte lichtgewond, Michelle overleed ter plaatse en Mike bezweek enkele dagen na het ongeval aan zijn verwondingen.

Zo kwam de legendarische coureur op wrede wijze aan zijn einde, uitgerekend nadat hij het meest dodelijke tijdperk in twee sporten had overleefd.

gedeeld
reacties
Kalff blikt vooruit: “Tsunoda is de Japanse Verstappen"

Vorig artikel

Kalff blikt vooruit: “Tsunoda is de Japanse Verstappen"

Volgend artikel

Bottas: Mercedes weet niet waar het staat na wintertest

Bottas: Mercedes weet niet waar het staat na wintertest
Laad reacties

Over dit artikel

Kampioenschap Formule 1 , FIA F2 , F5000
Coureurs Mike Hailwood
Auteur Mark Bremer