Overslaan naar hoofdinhoud

Aanbevolen voor jou

De fraaie Britse Grand Prix van zondag zorgde er niet alleen voor dat de spanning in de strijd om de wereldtitel weer helemaal terug is, het betekende ook het einde van een reeks van bijna vijftien jaar. Met Lewis Hamilton, Valtteri Bottas en Daniel Ricciardo stonden er drie coureurs op het podium die de race van buiten de top-vijf op de grid waren aangevangen. De laatste keer dat een dergelijk scenario zich voltrok, was in 1999 tijdens de zinderende GP van Europa op de Nürburgring, zocht GPUpdate.net uit.

Lewis Hamilton begon zijn thuisrace zondag vanaf de zesde plaats, maar met een ijzersterke eerste stint legde de Britse Mercedes-coureur de basis voor minimaal een podiumplaats. Dat werd zelfs een overwinning. Op het moment dat hij vanaf P2 koploper Nico Rosberg aan het binnen hengelen was, kreeg zijn Duitse teamgenoot problemen met de versnellingsbak en moest hij zijn auto in het gras parkeren, waarna Hamilton de leiding overnam en deze niet meer uit handen gaf.

Williams-coureur Valtteri Bottas knokte zich na een dramatische kwalificatie vanaf P14 naar P2, zijn beste resultaat ooit in de koningsklasse van de autosport. Daniel Ricciardo reed ook een keurige race. Vanaf de achtste startplaats stuurde de Australiër zijn Red Bull naar de derde plek. En dus wist niemand uit de top-vijf van de grid zijn goede startplaats om te zetten in een podiumplek.

Pole-sitter Rosberg viel dus uit met versnellingsbakproblemen, de als tweede gestarte Sebastian Vettel verkwanselde zijn start en sleepte uiteindelijk na een boeiend gevecht met Fernando Alonso de vijfde plaats uit het vuur. Jenson Button viel voor eigen publiek van P3 terug naar plek vier. Force India had op Silverstone een mindere race pace dan in bijvoorbeeld Oostenrijk, waardoor Nico Hülkenberg vanaf P4 niet verder kwam dan de achtste positie in de eindrangschikking. De Duitser finishte daarmee één plek achter Kevin Magnussen, die vijfde stond op de startopstelling.

Zodoende konden Hamilton (P6), Bottas (P14) en Ricciardo (P8) ervoor zorgen dat er voor het eerst sinds de eeuwwisseling geen coureur uit de top-vijf van de kwalificatie naar het podium mocht. De laatste keer dat dit gebeurde, was in september 1999, tijdens de Grand Prix van Europa. Op de Nürburgring wist toen zelfs niemand uit de top-negen van de grid het ereschavot te bereiken.

Dat was ook niet zo vreemd. Want in die wedstrijd, die geteisterd werd door wisselende weersomstandigheden, leek er wel een vloek te rusten op de koppositie. Heinz-Harald Frentzen, David Coulthard, Ralf Schumacher en Giancarlo Fisichella wisten hun leidende positie om uiteenlopende redenen niet om te zetten in een podiumplaats.

Daardoor kon Johnny Herbert vanaf P14 (!) naar de overwinning rijden. De Brit bezorgde Stewart, dat in 2005 via Jaguar het huidige Red Bull Racing werd, daarmee de eerste overwinning ooit. Rubens Barrichello, gestart als vijftiende, gaf het feestje van de Schotse renstal extra cachet met een derde plek. Toenmalig Prost-coureur Jarno Trulli werd tweede in die bizarre wedstrijd. De Italiaan stond tiende op de grid.

Na de Europese Grand Prix van 1999 was er altijd wel één coureur van de top-vijf op de grid die naar het podium reed. Twee rijders die van buiten de top-vijf naar een ereplaats zijn gereden is nog wel een aantal keer gebeurd, maar drie coureurs dus niet. Tot zondag. En daarmee is op Silverstone, in elk geval wat betreft deze eeuw, toch weer een stukje historie geschreven.

Net binnen

Vorig artikel Bianchi genoot van gevechten, Chilton ontsnapt
Volgend artikel Grosjean leert veel van auto op Silverstone

Beste reacties