Legendarische races: de Grand Prix van Spanje in 1996

In het onderdeel legendarische races, nemen we je mee naar een race uit de rijke geschiedenis van de autosport, die voor altijd in het geheugen is gebleven. Vandaag: de Grand Prix van Spanje in 1996.

Race: Grand Prix van Spanje
Jaar: 1996
Hoofdrolspeler: Michael Schumacher

Schumacher naar Ferrari

Toen Benetton Michael Schumacher na de Grand Prix van België in 1991 vrij ruw wegkaapte bij Eddie Jordan, had het team wel door dat de Duitser een tikkie beter was dan Roberto Moreno. De Braziliaan werd zonder pardon uit het team gemieterd en voor Schumacher werd de rode loper uitgelegd. Al snel - al heel snel - werd duidelijk dat Benetton een prima keuze had gemaakt; Schumacher zette het team volledig naar zijn hand en zou in 1994 en 1995 de wereldtitel binnenslepen. Eind 1995 golden Michael Schumacher en Benetton als de absolute heersers in de Formule 1. Twee wereldtitels en vooral in 1995 werd het eerder zo dominante Williams totaal vernederd. Er viel, kortom, niet zo veel meer te winnen voor Schumacher. En toen Ferrari met een heerlijk sappig nieuw contract kwam zwaaien, plus de uitdaging om eindelijk weer eens een wereldkampioen in het rood te leveren, maakte Schumacher de overstap.

We weten allemaal hoe dat verhaal afliep, maar begin 1996 was er nog geen sprake van een combinatie die goed zou zijn voor vijf wereldtitels op rij. Eddie Irvine, teamgenoot van Schumacher in zijn eerste vier seizoenen bij Ferrari, omschrijft de auto van dat jaar nog altijd liefkozend als een ‘shitbox’. De F310 was onvoorspelbaar, onbetrouwbaar en absoluut geen match voor de totaal dominante Williams van dat jaar, waarin Damon Hill zijn wereldtitel zou behalen. Irvine is overigens ook eerlijk genoeg om toe te geven dat Schumacher dingen kon met de F310 die ver buiten het bereik van de Noord-Ier zelf lagen.

Met de ‘shitbox’ wist Schumacher niet minder dan drie overwinningen te behalen en alledrie waren het pareltjes van races. Ferrari had de lat relatief laag gelegd voor dat seizoen; twee overwinningen met Schumacher, dan zou er in ieder geval een stijgende lijn te zien zijn. In ‘94 en ‘95 wonnen respectievelijk Gerhard Berger en Jean Alesi allebei één race, een verdubbeling zou mooi zijn. Het werden er dus drie, waarvan de derde gevierd werd in Monza. De meest legendarische overwinning vond echter plaats in Barcelona, waar Schumacher in de stromende regen liet zien waar hij toe in staat was.

De Grand Prix van Spanje in 1996

De kwalificatie voor de Spaanse Grand Prix gaf geen indicatie van wat zou komen. De Williams-coureurs waren verreweg de snelste mannen van het veld en bij ongewijzigde omstandigheden zouden Damon Hill en Jacques Villeneuve een makkelijk één-tweetje scoren. Echter, ‘ongewijzigde omstandigheden’ gingen niet op; op zondag gingen de hemelsluizen open en deze zouden de rest van de dag open blijven. Vanaf startplaats drie gaf Schumacher naar eigen zeggen ‘geen stuiver’ voor zijn kansen en toen de koppeling bij de start dienst weigerde, klonk er een diepe zucht in de beroemde helm. Dit werd geen leuke dag.

Schumacher kwam als negende door in de eerste bocht en kwam er al snel achter dat de Ferrari eigenlijk heel erg lekker ging in de regen. Nog voor het einde van die eerste ronde waren er al drie posities goedgemaakt en terwijl veel concurrenten vooral bezig waren om over hun eigen veters te struikelen, hield Schumacher de Ferrari keurig in het juiste spoor. Na twaalf ronden kwam de Ferrari door als leider en begon de grote Schumacher-show.

De Ferrari F310 bleek, onder de juiste omstandigheden en met de juiste man achter het stuur, in staat om meer dan twee seconden per ronde sneller te zijn dan wie dan ook. Ondanks het feit dat de uitlaat van de Ferrari brak en de auto hierdoor beduidend minder sneller maakte, bleef Schumacher rondetijden klokken waar de concurrentie alleen maar van kon dromen. Eenmaal ruim vooraan leek de Duitser er zelfs lol in te hebben om de achterkant van de auto een stap opzij te laten zetten en dus kwam de Ferrari regelmatig driftend uit de laatste bocht gezet, tot groot genoegen van toeschouwers en commentatoren over de hele wereld.

Een kapotte uitlaat was overigens niet het enige probleem dat Schumacher had; de motor liep een tijdje op negen cilinders, waardoor de zesde versnelling niet eens gehaald werd op het rechte stuk. Dat probleem loste zichzelf echter op, maar de gebroken uitlaat bleef. Er wordt gefluisterd dat deze kapotte uitlaat Schumacher bepaald niet in de weg zat, omdat het vermogen hierdoor minder bruusk op de achterwielen werd gedumpt en de Ferrari dus beter in toom te houden was. Dat neemt echter niets weg van de stuurmanskunsten van Schumacher, die zijn eerste overwinning voor Ferrari op fraaie wijze wist binnen te halen.

Na Barcelona

De Ferrari F310 werd overigens niet automatisch een topwagen na de Spaanse Grand Prix. Het bleef een ‘shitbox’, die alleen dankzij het talent van Schumacher af en toe onmogelijke dingen deed. Schumacher won de Belgische Grand Prix - want in de jaren ‘90 was dat het jachtterrein van Schumacher, zo simpel was het - en zegevierde in Monza. Dat laatste zorgde er natuurlijk voor dat de Italiaanse fans hem definitief in het hart sloten. Tien jaar later won hij in China zijn laatste race voor het team.

Schrijf een reactie
Geef reacties weer
Over dit artikel
Raceklassen Formule 1
Evenement Spaanse GP
Circuit Circuit de Barcelona-Catalunya
Coureurs Michael Schumacher
Artikel type Special feature