Kroniek van zestig jaar Bernie Ecclestone in de Formule 1

Decennialang was hij het enige zekerheidje in de Formule 1. Een piepkleine bebrilde Brit, gegeven met een zakelijk instinct waar je u tegen zegt, regeerde over de sport en bracht deze naar grote hoogten. Met de overname van de F1 door het Amerikaanse Liberty Media op komst lijkt er een einde te komen aan het tijdperk Bernie Ecclestone - een liefdesverhaal dat meer dan zestig jaar geleden begon. GPUpdate.net graaft diep in de historie van de koningsklasse.

Ecclestone en de Formule 1 - het zijn twee onlosmakelijke begrippen geworden. Door de commerciële rechten van de serie medio jaren '70 voor een miljoen pond - een prikkie, als je het vergelijkt met de miljardenomzet die het de laatste jaren maakt - op te kopen, groeide Bernard Charles Ecclestone uit tot een van de meest invloedrijke personen van de twintigste én de 21ste eeuw, zeker op autosportgebied. Vaak werd hij in de paddock vergezeld door regeringsleiders, bazen van autofabrikanten, zijn boomlange dochters en meer dan eens door een vrouw die zijn kleindochter had kunnen zijn.

Bernie als coureur

Een jonge Bernard groeide op in de Tweede Wereldoorlog en begon na het einde daarvan een handeltje in tweedehands motoronderdelen. De Brit was achttien jaar oud toen hij zijn eerste wedstrijd racete - een Formule 3-race, met een Cooper die hij van zijn gespaarde centjes had gekocht. Veelal racete hij op Brands Hatch, waar hij hier en daar een wedstrijd wist te winnen. Na een heftig ongeval, waarbij hij op de parkeerplaats van het circuit belandde, besloot hij echter te stoppen. Zodoende kon Bernie zich volledig op de handel richten.

Het bloed kruipt echter altijd waar het niet gaan kan, en in 1957 keerde Bernie terug in de autosport, als manager van de Britse belofte Stuart Lewis-Evans. Hij kocht twee inferieure Connaughts, waarmee Bernie himself deelnam aan twee Grands Prix: die van Monaco en Groot-Brittannië, in 1958. Aan de start verscheen Ecclestone echter niet: de wagens waren veel te langzaam om überhaupt door de kwalificatie te komen.

Bernie als manager

Zogezegd nam Ecclestone de zaken van Lewis-Evans waar, die in 1958 mocht verkassen naar het team van Tony Vandervell. Met aansprekende namen als Stirling Moss en Tony Brooks als zijn teamgenoten kreeg Lewis-Evans alle tijd om te wennen aan de Formule 1, wat de belofte beloonde met twee podiumplaatsen. Het verhaal kreeg een zwarte rand doordat Lewis-Evans in de slotrace van '58 zware brandwonden opliep tijdens de Marokkaanse Grand Prix, waaraan hij later overleed.

Als manager had Ecclestone sowieso geen engeltje op zijn schouder: de tweede coureur die hij begeleidde, en waar hij bovendien een zeer goede vriendschap mee had, stierf eveneens jong. Net als Lewis-Evans was Jochen Rindt slechts 28 jaar oud toen hij het leven liet, in zijn geval na een crash op het circuit van Monza. Bernie wist genoeg: hij wilde geen manager meer zijn.

Bernie als teambaas

En dus verplaatste de focus zich naar het leiden van een team. Ron Tauranac was op zoek naar een zakenpartner, nadat Jack Brabham de sport de rug had toegekeerd. Voor een ton (in ponden) kon Ecclestone zich inkopen bij Brabham. Een zakelijk conflict met Tauranac zorgde ervoor dat de Australiër zich terugtrok, waarop Ecclestone de touwtjes zelf in handen kreeg. Door Gordon Murray aan te trekken bond Ecclestone een van de meest briljante technici van de F1-historie aan zijn stal.

De resultaten spraken nog geen boekdelen - af en toe werd er een race gewonnen met het talentvolle duo Carlos Pace-Carlos Reutemann, maar nadat de veel te zware Alfa Romeo-motor in het achteronder van de Brabham werd gelegd speelde het team geen rol van betekenis meer. Een manier om dan toch in de spotlights te komen is door de regels te omzeilen: een uit de kluiten gewassen ventilator op je wagen bouwen, of een verstelbare bodem installeren. Ecclestone zelf werd een steeds belangrijker man: de onder anderen door hem in 1974 opgerichte FOCA (Formula One Teams' Association) zocht een leidsman, die in de persoon van de kleine Brit werd gevonden.

Bernie als uitdager

Met rechtsadviseur Max Mosley als zijn rechterhand trok Ecclestone in het begin van de jaren '80 ten strijde. In een tijd waarin boycots, vals spel, ruzie omtrent reglementen, superlicenties en prijzengeld de boventoon voerden, waren het Ecclestone en zijn (veelal) Britse kompanen die het leven van regerend FISA (voorloper van de hedendaagse FIA)-president Jean-Marie Balestre zuur maakten. Onder leiding van Ecclestone werd er na hevig politiek gekibbel besloten dat de FISA zich zou richten op het maken en het naleven van de reglementen, waar Ecclestone de verdeling van de tv-gelden in zijn portefeuille kreeg. Door het Concorde Agreement werden de teams verplicht om aan alle races deel te nemen. Ecclestones houding was simpel: act now, threaten later, oftewel: eerst handelen, daarna pas dreigen. Niemand binnen de FOCA durfde op een gegeven moment het gezag van de Brit te ondermijnen.

In die jaren klom zijn Brabham naar de top van de Formule 1: met Nelson Piquet achter het stuur van de blauw-witte wagens werd tweemaal een wereldtitel veroverd, al ging dat vaak op het randje van het toelaatbare en ver daar voorbij. "Je moet niet boven de brandstoftank hangen, dan sterf je binnen vijf seconden", gierden de Brabham-monteurs het meer dan eens uit. Opmerkelijk: alle teamleden van destijds kregen grote rollen binnen de FIA - zo werd Charlie Whiting wedstrijdleider van de F1 en werd Herbie Blash zijn rechterhand.

Bernie als absolute leider

Met de groeiende macht van de commercie kreeg Ecclestone een steeds bepalendere rol in de Formule 1, die in 1993 leidde tot de verkiezing van handlanger Mosley als FIA-president. Vanaf dat moment waren alle plooien gladgestreken voor het Britse duo, dat naar hartenlust de F1 naar haar hand kon zetten. Op het gebied van de veiligheid speelde Mosley, met name vlak na de dodelijke ongevallen van Roland Ratzenberger en Ayrton Senna een monumentale rol. 

Ecclestone behield zijn karakter als kille, ijzersterke onderhandelaar om voor de F1 de best denkbare financiële deals uit het vuur te slepen. Steeds meer geld was er gemoeid om de televisierechten binnen te kunnen halen, centen die via Ecclestone deels bij de teams belandden in de vorm van prijzengeld. Ecclestone knokte met circuiteigenaren, liet teambazen in de kou staan als deze iets flikten dat hem moreel gezien niet aanstond en bracht de koningsklasse van de autosport naar plaatsen als Bahrein, Maleisië, China en Zuid-Korea. Voor de 'oude vertrouwde' racelanden was het pompen of verzuipen: zo kon Silverstone nog zo hard roepen dat ze van historische waarde voor de F1 was, als er niet werd betaald, werd er ook niet geracet.

Of je hem nou mag of niet: Ecclestone heeft een waanzinnig belangrijke rol in de groei van de sport gespeeld. Meermaals is het hardop gezegd, maar zonder de 'Napoleon van de autosport' was de Formule 1 niet zo'n mondiaal spektakel geweest als het nu is. "Ik ken maar één persoon die eigenlijk nooit eigenaar van een onderneming is geweest, altijd gezien werd als de grote leider van die onderneming, diezelfde onderneming pakweg viermaal verkocht en nooit zijn macht kwijtraakte", grapte oud-teambaas Eddie Jordan ooit. "En die persoon is Bernie Ecclestone." De Brit verdiende zelfs geld aan een beroving: nadat hij een blauw oog was geslagen en zijn peperdure horloge was ontvreemd, liet Ecclestone zich fotografen met als onderschrift: "wat men allemaal overheeft voor een Hublot".

De rol van Ecclestone lijkt dan nu echt te zijn uitgespeeld, een bevestiging zal binnen enkele weken volgen. Liberty Media gaat de sport overnemen en is klaar om een nieuwe koers te varen. Zo kan Bernie, 21 jaar na het bereiken van zijn pensioengerechtigde leeftijd, eindelijk van zijn oude dag gaan genieten.

Door: René Oudman

[photo,296304,left,]

gedeeld
reacties
Rosberg heeft nieuwe Mercedes al gezien: "Geen evolutie maar revolutie"

Vorig artikel

Rosberg heeft nieuwe Mercedes al gezien: "Geen evolutie maar revolutie"

Volgend artikel

Analyse: Wat zijn de financiële gevolgen van de Mercedes-switch van Bottas?

Analyse: Wat zijn de financiële gevolgen van de Mercedes-switch van Bottas?
Laad reacties

Over dit artikel

Kampioenschap Formule 1
Coureurs Charlie Agg , Max Sonnevil , Bernie Ecclestone , Jochen Rindt
Auteur René Fagnan