Interview Allard Kalff: Mijn boek gaat vooral over andere mensen

In het afgelopen vrijdag verschenen boek ‘Kalff. Leven in de racerij’ vertelt Allard Kalff vol passie over zijn avonturen in de autosport. Over zijn belevenissen als fan, als coureur en uiteindelijk natuurlijk als pitreporter, commentator en Formule 1-analist, zoals het grote publiek hem kent. “Maar mijn boek gaat eigenlijk meer over andere mensen dan over mijzelf”, benadrukt Kalff in gesprek met Motorsport.com.

Interview Allard Kalff: Mijn boek gaat vooral over andere mensen

Het idee om een boek te gaan maken bestond al een tijdje, maar het duurde even voordat Kalff scherp voor de bril had in wat voor vorm hij het wilde gieten. “Er is ooit een boekje geschreven door de legendarische Tonio Hildebrand en dat heet ‘Het gaat niet om geld’. Dat gaat over autosport en natuurlijk over Tonio zelf, maar vooral ook over andere mensen, over mensen in het algemeen en over hoe dingen gewoon gaan in het leven. Zo’n soort boek wilde ik eigenlijk ook maken”, vertelt Kalff. “Want ik wil dat iemand die geïnteresseerd is in sport en mensen in het algemeen mijn boek ook gaat lezen. Die moet niet het idee hebben dat je alles van autosport moet weten om het een leuk boek te vinden.”

Lees ook:

Met dat in het achterhoofd ging Kalff aan de slag. Maar hij kwam er al snel achter dat hij wel wat hulp kon gebruiken. “Toen ik er eenmaal uit was wat voor soort boek het moest worden, ben ik een paar verhalen gaan schrijven. Alleen deed ik een maand of twee over één stukje, dus op een gegeven moment dacht ik bij mezelf: als ik het zelf ga schrijven, ben ik voor mijn tachtigste nog niet klaar! Ik heb iemand nodig die het voor me gaat schrijven, maar dat het nog steeds mijn boek is.” Enter Koen Vergeer, de auteur van onder andere ‘De Formule 1-fanaat’, ‘Le Mans’, ‘MaxMania’ en ‘Zandvoort’. Kalff: “Anderhalf jaar geleden zat ik met Koen te lunchen en toen bedacht ik me opeens: Koen moet het schrijven! Ik wilde iemand die mooi kan schrijven, goed kan verwoorden wat ik bedoel en waar ik een klik mee heb. Dat was Koen! Ik heb hem de stukken toegestuurd die ik al had geschreven en ‘Het gaat niet om geld laten lezen’. Vervolgens hebben we samen een paar hoofdstukken gemaakt, waarna de uitgever ook om was. Zo is het boek er gekomen.” Kalff en Vergeer hebben meer gemeen dan de liefde voor autosport alleen. “Koen en ik zijn even oud en hebben allebei de Nederlandse Grand Prix van 1973 meegemaakt. Dat schept een band”, verklaart Kalff de klik die hij met de schrijver heeft.

Dat Kalff veel gezien heeft in de autosport, wordt nog eens onderstreept door de imposante inhoudsopgave van ‘Kalff. Leven in de racerij’. En dan betreft het natuurlijk nog maar een kleine selectie van alles wat hij heeft beleefd. Kalff vindt het moeilijk om uit alle momenten één hoogtepunt aan te wijzen, wanneer Motorsport.com hem daarom vraagt. “Mij vragen om één moment te kiezen is een beetje als een vader van vijf kinderen vragen van wie hij het meeste houdt. Dat is onmogelijk. Er zijn zoveel momenten geweest die ik zelf in de raceauto heb meegemaakt, waarvan ik nu nog steeds zoiets heb van: dat was écht gaaf! Maar net zo goed zijn er ook van dat soort mooie momenten geweest tijdens mijn werk als commentator en pitreporter.” Wat betreft dat laatste steken de overwinningen van zijn goede vriend Johnny Herbert, die het voorwoord heeft geschreven, er bovenuit. “Maar ook dat inktzwarte weekend in Imola. Als ik daar op terugkijk, is dat op een vreemde manier toch ook een soort van hoogtepunt geweest. En het afgelasten van de Dakar Rally in 2008 was dat op een rare manier ook. Dat waren natuurlijk klotedagen, om uiteenlopende redenen, maar om daar verslag van te mogen doen was wel bijzonder. Het zijn wel dingen waar ik met trots op terugkijk.”

Op de kaft van het boek prijkt een foto waarop te zien is hoe Kalff Jos Verstappen interviewt bij de Australische Grand Prix van ’96. “Ik ken Jos sinds 1992, het jaar dat hij zijn debuut maakte in de autosport”, vertelt Kalff, als de cover ter sprake komt. “Ik vind Jos een fantastisch autocoureur en een fantastisch mens. Als je ziet waar hij vandaan is gekomen, hoe hij door Huub Rothengatter van de kart is gepakt om in ’92 zijn autosportdebuut te maken en twee jaar later zijn Grand Prix-debuut, dan is dat gewoon heel indrukwekkend. Ik vertel in het boek ook dat Jos begin jaren negentig de Max van zijn generatie was. Jos had iets van vijftig autoraces gereden en ineens zat hij in de Formule 1. Iedereen wilde hem hebben. Het is fantastisch wat Jos en Huub hebben bereikt.” Aan Jos Verstappen zijn meerdere hoofdstukken gewijd. Kalff: “Eigenlijk gaat het boek dus meer over andere mensen dan over mezelf, want het gaat over wat ik samen met die andere mensen heb meegemaakt. Of dat nou Roland Ratzenberger is, of Ayrton Senna of Johnny Herbert of Jos Verstappen.”

Je zou het haast vergeten maar Kalff heeft ook nog een leven buiten de racerij. “Ik ben eigenlijk een hele brave Harry!”, zegt hij over zijn leven als hij even niet met dingen op vier wielen bezig is. “Ik heb een vriendin waar ik heel gelukkig mee ben en waar ik samen leuke dingen mee doe. En ik heb mijn paard, waar ik twee keer per week mee bezig probeer te zijn.” Nog heel even terug naar de autosport: Kalff geeft te kennen dat hij niet echt iets meer op zijn ‘bucket list’ heeft staan als het om racen gaat. “Maar het enige wat ik nog wel een keer zou willen doen, en dat is niet eens een enorm ingewikkeld iets, is met een LMP3- of een LMP2-auto een leuke race rijden ergens. Met Jeroen Bleekemolen of zo”, zegt Kalff, die manager was van The Bleek. “Maar voor de rest: als ik voorlopig door kan gaan met de dingen die ik nu doe, dan ben ik een enorm tevreden mens. Want ik maak nog steeds elke dag hele leuke dingen mee.”

 
Cover van het boek 'Kalff. Leven in de racerij'

Cover van het boek 'Kalff. Leven in de racerij'

gedeeld
reacties
Albon en Kvyat balen van ‘inconsistente’ regels rond track limits

Vorig artikel

Albon en Kvyat balen van ‘inconsistente’ regels rond track limits

Volgend artikel

Tost steunt salarisplafond: “Coureurs verdienen veel te veel”

Tost steunt salarisplafond: “Coureurs verdienen veel te veel”
Laad reacties