Exclusief interview: De nieuwe uitdaging van Zak Brown bij McLaren

Zak Brown is de nieuwe uitvoerend directeur van McLaren. Motorsport.com sprak exclusief met hem, over zijn ideeën, zijn doelen en de plannen met het Britse merk.

Q: Welk gevoel overheerst nu de overstap naar McLaren rond is?

“Ik heb me in tijden niet zo gelukkig gevoeld. Ik voel me net een klein kind, dit is als een vroeg kerstcadeau. Het voelt echt geweldig. Het was schitterend om door het gebouw te lopen en alles met andere ogen te bekijken. Dit was mijn favoriete team toen ik opgroeide. McLaren is voor mij het Senna-tijdperk, gevolgd door het Hakkinen-tijdperk. Het was altijd mijn favoriete team. Er werken hier veel mensen waarmee ik de afgelopen jaren zaken heb gedaan. Het voelt goed om de kans te krijgen te helpen leiding te geven aan wat ik beschouw als het beste team in de Formule 1.”

“Het is een goed moment om in te stappen. Ze hebben de stijgende lijn duidelijk te pakken. Ik ben enthousiast over mijn rol. Ik heb een goede relatie met alle aandeelhouders. En naast de Formule 1 ben ik zeer blij met wat McLaren op automotive-gebied doet. Hoewel dat niet mijn taak en verantwoordelijk is, gaan deze twee gebieden vanuit merkoogpunt hand in hand.”

Q: Wat vind je van het vertrek van Ron Dennis?

“Ron en ik hebben een zeer goede band. Ik heb enorm veel waardering voor wat hij - en iedereen binnen dit team - gebouwd heeft. Momenteel is hij aandeelhouder en CEO. Recentelijk heb ik hem gesproken en als aandeelhouder heeft hij veel belang bij ons succes. Hoe het er precies uit gaat zien, weet ik nog niet.”

Q: Heeft McLaren interesse in andere vormen van de racesport?

“Eerder werkte ik al eens samen met McLaren om de elektronica voor de NASCAR te leveren. Daarnaast is er het GT-project en misschien nemen we op een dag deel aan Le Mans.”

Q: Wat wil je voornamelijk verbeteren? Financiële prestaties? Prestaties op het circuit? De behoefte aan een titelsponsor?

“Alles dat je nu noemt. Eric [Boullier, race-directeur) en Jost (Capito, CEO McLaren Racing) zijn binnen hun respectievelijke teams uiteindelijk verantwoordelijk voor het creëren van een zeer snelle auto. We moeten ook de financiële kant verbeteren. Er zijn nog veel lege vlakken op de raceauto van McLaren die gevuld moeten worden met luxe merken. Een titelsponsor helpt je daarbij. Maar ik denk niet dat het een belangrijker is dan het ander. We hebben behoefte aan partners en een titelpartner is een cruciale schakel.”

Q: Binnen welke periode moeten we verbeteringen zien?

“Ik ben nog niet eens begonnen! Er valt nog veel te leren maar zoals in elke business moet je zo snel mogelijk progressie laten zien. De afgelopen twee jaar is er veel vooruitgang geboekt. Ik weet echter nog niet voldoende om startposities te gaan voorspellen. Maar we moeten liever vroeg dan laat weer winnen.”

Q: Introduceer je een nieuwe cultuur binnen het team?

“Ik hou van de winnaarscultuur waar McLaren voor staat. Zodra ik ingewerkt ben en nauw met iedereen samenwerk, zullen er bepaalde werkwijzen aangepast kunnen worden. Dat moet wel passen bij de uitstraling van het team en het merk.”

Q: Hoe goed ken je Eric Boullier en Jost Capito?

“Wat betreft Eric: ik leerde hem kennen toen bij teambaas was bij Lotus en wij de Unilever sponsordeal met hen hadden. Ik kende hem al langer maar dat was de eerste maal dat ik hem echt aan het werk zag. Ik was extreem onder de indruk. Gezien de uitdagingen waarmee Lotus te kampen had, hoe hij daarmee omging, en met de mensen die dachten dat Kimi zich aan het einde van zijn carrière bevond. Ze werden derde in het kampioenschap, de auto was geweldig, met een goed team en een goede cultuur waardoor Kimi weer ging winnen. Ze presteerden beter dan eigenlijk mogelijk was, met Eric als teambaas. Dat heeft indruk op me gemaakt. Als je naar McLaren kijkt, is het team vooruitgegaan sinds zijn komst. Hij behaalt de gewenste resultaten en we gaan de juiste richting op. Ik ben dolblij met hem.”

“Jost ken ik al meer dan tien jaar. Hij was mijn klant bij Ford. Hij is een winnaar in alles wat hij doet. We hebben een goede relatie en hij is gepassioneerd over het merk. Ik denk dat hij extreem getalenteerd is. We hebben veel van de benodigde middelen aan boord. Nu draait alles om progressie en de samenwerking als team.”

Q: Zijn er bepaalde oplossingen die je meteen kunt toepassen?

“Nee, ik zit er nog niet dicht genoeg op. Uiteraard heb ik mijn ideeën maar het belangrijkste is dat ik eerst ingewerkt raak en meer te weten kom over de organisatie. Ik moet niet denken het beter te weten terwijl ik nog maar een beperkte hoeveelheid informatie heb. Duidelijk is dat we een titelpartner nodig hebben, dus we moeten aantrekkelijker worden voor commerciële partners. Daarnaast moeten we beter gaan presteren. Er is een oorzaak dat we niet zo veel winnen als zou moeten. Dat moet opgelost worden.”

Q: Moet het team niet wat bescheidener worden wat betreft de sponsorbedragen, gezien de recente prestaties?

“Ik denk dat iedereen in de F1, en ik zou graag zien dat McLaren het goede voorbeeld geeft, aan partnerships moeten denken met een zekere continuïteit die op een innovatieve manier evolueren. Sponsors zijn nu verder dan ooit in de manier waarop zij kopen, ze zijn meer gericht op resultaten en meetbaarheid. Wij moeten een raceteam zijn dat op een flexibele manier de markt op kan met zijn partners. McLaren heeft het pad geëffend en heeft de huidige Formule 1 mede vormgegeven. Ik zou willen dat we dat blijven doen, op en naast het circuit.”

Q: Welke impact zal je baan bij McLaren hebben op je rol als non-executive voorzitter van Motorsport.com?

“Ik heb een aantal rollen, zoals bij Motorsport.com, Cosworth en mijn raceteam [United Autosports]. Deze blijven stuk voor stuk bestaan. Ik werk voor de zakelijke kant van Motorsport.com en niet aan de redactionele kant. Ik denk mee hoe we betere producten kunnen ontwikkelen en een goede organisatie kunnen opbouwen. Dat heeft niets te maken met de redactionele inhoud, dus ik zie geen conflicten. Het wordt pas een conflict als je er een conflict van maakt, en dat is niet mijn bedoeling.” 

Q: Kijk je uit naar de samenwerking met racetalenten als Fernando Alonso, Stoffel Vandoorne en Jenson Button?

“Ontzettend! We hebben drie ongelofelijke rijders, twee van hen zijn wereldkampioen. Hoe gaaf is dat? Ik ken Fernando niet zo goed, ik kijk ernaar uit om kennis met hem te maken. Ik ben een groot bewonderaar van zijn prestaties. Hij is een ongelofelijk goede racer. Misschien wel de beste. Menigeen zal die mening delen. Stoffel is een geweldig jong talent. Die ene Grand Prix die hij heeft gereden, was ongelofelijk indrukwekkend gezien de omstandigheden. Ook hem ken ik niet zo goed. Jenson ken ik beter, ik heb met hem samengewerkt en hij is een van mijn favoriete rijders. De combinatie van deze drie vormt een sterkere line-up dan wie ook.”

Q: Je bent niet onbekend met het rijden in McLarens, gezien je historische autocollectie en GT-ervaringen?

“Ik hou van met merk, ik rijd met de straatauto’s en ik race met de raceauto’s. Mijn GT-team heeft races gewonnen met McLarens dus ik ben altijd een McLaren-man geweest.”

Q: Je noemde een Le Mans-toekomst voor McLaren, heb je dat op de radar?

“Het is nog vroeg om te praten over andere vormen van de autosport aangezien de Formule 1 prioriteit één, twee en drie heeft. Maar we zijn actief in de GT’s en we verzorgen de elektronica in de IndyCar en NASCAR. Buiten de F1 staat Le Mans absoluut op de lijst. We hebben er al eerder gewonnen.”

 

Interview door Charles Bradley, hoofdredacteur Motorsport.com

 

Schrijf een reactie
Geef reacties weer
Over dit artikel
Raceklassen Formule 1
Evenement Zak Brown McLaren aankondiging
Coureurs Zak Brown
Teams McLaren
Artikel type Interview