Analyse: Waarom het afschaffen van gridpenalties niet eenvoudig is

Het is al jaren een doorn in het oog van de fans, teams en de nieuwe Formule 1-eigenaar Liberty Media: de ontelbare gridstraffen die elk weekend worden uitgedeeld vanwege motorwissels.

Ross Brawn staat bekend om zijn rust, kalmte en welbespraaktheid. De sportief directeur van Liberty Media spreekt doorgaans weldoordacht en netjes. Je weet direct dat er echt iets aan de hand is wanneer zelfs Brawn het woord ‘farce’ in de mond neemt. Dat gebeurde recentelijk, toen de voormalig teambaas sprak over de vele gridstraffen. Het veelbesproken onderwerp is inmiddels uitgegroeid tot het lachertje van de Formule 1. Elk weekend zijn er meerdere slachtoffers te betreuren, vooral teams met een Honda- of Renault-motor hebben het de laatste tijd zwaar. De definitieve startopstelling wordt daardoor elke week een puzzel. In Italië ging het zelfs zo ver dat alleen polesitter Lewis Hamilton op de startopstelling mocht plaatsnemen op de plek waarop hij zich daadwerkelijk had gekwalificeerd.  

Daarmee was ook voor de Formule 1-bonzen de maat vol. Brawn realiseert zich maar al te goed dat het spektakel op de baan beter kan en dat de motorregels onder handen genomen moeten worden, maar als er iets is dat hem dwars zit dan zijn het de vele gridstraffen wel. Waarschijnlijk kan er weinig aan gedaan worden totdat in 2021 de nieuwe motorreglementen in werking treden, maar tot die tijd werkt Liberty Media aan een plan om het probleem te verhelpen. We bespreken de ambities van de Formule 1-eigenaar, waarom er geen eenvoudig antwoord op deze vraag is en hoe realistisch het is dat er een oplossing komt.

Gigantisch aantal gridpenalties

Brendon Hartley, Scuderia Toro Rosso STR12 met motorprobleem
Brendon Hartley, Scuderia Toro Rosso STR12 met motorprobleem

Foto: Sutton Motorsport Images

Op het Formule 1-hoofdkantoor was men al langer doordrongen van het feit dat de gridstraffen uit de hand begonnen te lopen, maar men werd pas echt wakkergeschud toen de harde cijfers op tafel kwamen. Een optelsommetje laat al snel zien hoe idioot hoog het aantal straffen is, en dat verklaart ook waarom de fans zich zo ergeren aan het systeem. Met nog één race te gaan zijn er in totaal 730 posities aan gridstraffen uitgedeeld voor het vervangen van motorcomponenten (dus nog zonder de straffen voor een versnellingsbakwissel). Hieronder een verdeling tussen de vier fabrikanten:

HONDA – 380 

RENAULT – 310

FERRARI – 20

MERCEDES - 20

Ter duiding: het gehele seizoen van 20 Grands Prix beslaat slechts 400 gridposities. 

Oplossing niet zo eenvoudig als het lijkt

Valtteri Bottas, Mercedes-Benz F1 W08  en Sebastian Vettel, Ferrari SF70H in gevecht
Valtteri Bottas, Mercedes-Benz F1 W08 en Sebastian Vettel, Ferrari SF70H in gevecht

Foto: Sutton Motorsport Images

De mening van de fans, de Formule 1-bazen en veel coureurs is duidelijk: maak een einde aan deze onzin. Het vinden van een oplossing is echter een stuk minder eenvoudig dan het lijkt. Ideeën te over: ‘schrap gridstraffen en geef de constructeurs strafpunten’, is een veelgehoorde kreet. Maar zulke oplossingen zorgen voor ongewenste neveneffecten. Het afpakken van constructeurspunten zal echt niet elk team voldoende afschrikken. Zij kunnen er zelfs voor kiezen om bewust de straf te aanvaarden om de kansen van hun rijder op de titel of de overwinning te vergroten. Neem Mercedes: een riante voorsprong in het constructeurskampioenschap dus een paar puntjes meer of minder baart hen echt geen zorgen, zeker niet als ze titelkandidaat Lewis Hamilton kunnen voorzien van een verse krachtbron. Wanneer een rijder straffeloos een nieuwe motor kan laten monteren, is de farce misschien nog wel groter dan momenteel het geval is. 

Goedkopere componenten

Het bedenken van een oplossing waarover alle partijen tevreden zijn, lijkt een utopie. Toch moeten er betere manieren te bedenken zijn, zo is Brawn van mening. De Brit heeft ontdekt dat er een verdeling valt te maken tussen twee categorieën: straffen voor de verbrandingsmotor (ongeveer eenderde van het totaal) en straffen voor toegevoegde componenten als de turbo en Energy Recovery-systemen. 

Uit die informatie werd de conclusie getrokken dat men het probleem bij de kern moest aanpakken: weg met alle ingewikkelde en onbetrouwbare componenten! Simpelere en goedkopere turbo’s en ERS-installaties, waardoor de noodzaak om een limiet op te stellen in feite verdwijnt. Geen beperkingen, geen gridstraffen. 

“Met de nieuwe motoren moeten we proberen componenten te creëren die economisch gezien zo interessant zijn dat je ze op elk gewenst moment kunt vervangen”, legde Brawn uit. “Wanneer we kiezen voor een ander ontwerp van de turbo en het kost tussen de twee- en drieduizend dollar, waarom zou je je dan nog druk maken over het opstellen van een limiet? Dat is de moeite niet waard. Maar de turbo van vandaag de dag is duur en complex. Daarom hebben we die beperkingen in het leven geroepen. De motor is geen geweldige racekrachtbron. Het is een geweldig staatje engineering, maar geen geweldige motor om mee te racen.”

Fans moeten op de eerste plaats komen 

Sebastian Vettel, Ferrari SF70H, Valtteri Bottas, Mercedes AMG F1 W08
Sebastian Vettel, Ferrari SF70H, Valtteri Bottas, Mercedes AMG F1 W08

Foto: Andrew Hone / LAT Images

Toch komt ook hier een probleem om de hoek kijken. Het voorgestelde motorconcept voor 2021 en verder viel niet bij alle fabrikanten in goede aarde. De hypermoderne technologie is voor de fabrieksteams juist een meerwaarde om kennis en ervaring op te doen die doorgesluisd kan worden naar de straatautodivisies. Brawn is echter van mening dat de jacht op nieuwe technologische vondsten nooit ten koste mag gaan van de show of de fans. Hij wijst de uittocht van fabrikanten in het WEC aan als voorbeeld wat er kan gebeuren als de techniek te ver gaat.

“Porsche is bij veel overleggen aanwezig geweest. Zij hebben hun mening gegeven en zij zijn in beide takken van sport actief geweest. Het werd voor hen te technisch. De langeafstandsracerij zette de fans niet op de eerste plaats. Daardoor ging het mis. In deze omgeving, waar de fans op de eerste plaats horen te staan, kunnen we het ons niet veroorloven dat we zo extreem gaan dat we het contact met de fans verliezen, alleen omdat slechts enkelen zich de technologie kunnen veroorloven en daarin kunnen excelleren. We hebben vier seizoenen met deze motoren gehad en nog altijd is er sprake van deze gigantische hoeveelheid gridstraffen. We krijgen de technologie niet onder de knie. En alle waardering voor Mercedes: zij hebben fantastisch werk geleverd. Maar niemand anders kan het gat dichten. Dat is de realiteit.”

Met medewerking van F1-verslaggever Jonathan Noble

Schrijf een reactie
Geef reacties weer
Over dit artikel
Raceklassen Formule 1
Artikel type Analyse