Achtergrond: een Grand Prix tijdens de jaarwisseling

Tegenwoordig is het haast ondenkbaar, maar in het verleden werd het Formule 1-seizoen meermaals geopend tijdens de wintermaanden. In de tijd dat Zuid-Afrika, Argentinië en later ook Brazilië de seizoensopener organiseerden, verschenen de rijders koud van de kerstdagen op het circuit. GPUpdate.net kijkt terug.

Nadat nieuwbakken wereldkampioen Alberto Ascari ererondjes had mogen maken voor het eigen publiek in Monza, ging het circus in 1952 na het eerste weekend van september haar winterslaap al tegemoet. Deze duurde echter niet zo lang als het seizoen ervoor, toen men van oktober tot en met mei geen actie op de banen zag. Nee, de eerste Grand Prix van 1953 vond al plaats op 18 januari. De reden? Een Argentijnse GP verscheen op de kalender, en in het land van de pampa's, de tango en de gaucho's valt de zomer in januari.

Nieuwjaar in Zuid-Afrika

Jarenlang ging dat zo door: medio januari trokken de rijders en teams naar het circuit in Buenos Aires, om dan meestal pas eind-mei weer acte de présance te geven tijdens de GP van Monaco. Het kan echter nog gekker: in het begin van de jaren '60 ontdekte de racewereld Zuid-Afrika, waarop men besloot er in 1962 een voor het wereldkampioenschap meetellende race te organiseren.

Het Prince George Circuit in East London werd gekozen als het strijdtoneel voor de allereerste race in het meest zuidelijke land van het Afrikaanse continent. Resten van het kerstdiner zaten bij de meesten nog in de holle kies toen de eerste training aanving: op 26 december mochten de coureurs voor het eerst kennismaken met het korte baantje.

Jim Clark (Lotus) en Graham Hill (BRM) streden om de wereldtitel, waar de laatstgenoemde er het beste voor stond. Een overwinning van de Schot Clark zou er echter voor zorgen dat niet Hill, maar de Lotus-rijder met de grootste prijs aan de haal ging. Gedurende 62 van de geplande 82 ronden ging Clark aan de leiding, en was hij dus op koers om de titel te veroveren. Een olielek beroofde hem echter van zijn eerste F1-kroon: Hill profiteerde door de race, en het kampioenschap, te winnen.

King Clark

Een jaar later streek het circus wederom neer in East London, ditmaal was Clark al gekroond tot kampioen. Het weerhield de Schot er niet van om, met harde dominantie, te winnen. Clark behaalde de pole, reed alle rondjes aan de leiding en zegevierde. Slechts de snelste ronde moest hij aan een andere rijder laten: die eer was weggelegd voor Dan Gurney.

Eind 1964 waren de Formule 1-coureurs wederom te bewonderen aan de stranden nabij het circuit van East London (Oos-Londen), echter: dit keer niet voor de seizoensfinale, maar voor de ouverture. De eerste vrije training vond plaats op 29 december, er werd gekwalificeerd op oudjaarsdag. Clark bleek wederom ongenaakbaar: met bijna een seconde voorsprong op de een paar maanden geleden tot wereldkampioen gekroonde John Surtees vloog de Schot naar de pole.

Op vrijdag 1 januari zette Clark zijn eerste stap naar de titel van 1965 door na een snaarstrak optreden met de zege aan de haal te gaan: zelfs de man die de finishvlag een ronde te vroeg zwaaide, kon de Lotus-rijder niet van zijn à propos brengen. Surtees en Hill moesten een halve minuut toegeven, debutant Jackie Stewart werd zesde op twee ronden achterstand.

Van Oos-Londen naar Johannesburg

In 1967 en '68 werd er tevens rond oud en nieuw aangevangen: de seizoensstart van '67 vond plaats op 2 januari, een jaar later mocht nieuwjaarsdag werderom met de eer pronken. Het circuit nabij het strand was echter niet meer de plaats van handeling: Kyalami, een circuitje op een steenworp afstand van Johannesburg, had de organisatie van de Zuid-Afrikaanse GP overgenomen.

Pedro Rodriguez de la Vega won de allereerste race op het in 1961 geopende circuit, Clark maakte het drie uit vier het jaar erop. Het bleek de laatste F1-zege voor de betreurde Schot: drie maanden later zou hij verongelukken op de Hockenheimring, tijdens een Formule 2-race. In de race van 1967 zorgde een Afrikaan voor opschudding: de uit Rhodesië (nu Zimbabwe) afkomstige John Love reed in zijn privé ingeschreven Cooper van de vijfde startplaats naar een ongelooflijke tweede stek aan de finish.

Afrika moet wijken voor Zuid-Amerika

Kyalami bleef in de drie daaropvolgende seizoenen de openingsrace, alleen niet meer in januari. De wedstrijd werd verplaatst naar maart, om ruimte te maken voor de Argentijnse en Braziliaanse Grand Prix, die in de jaren daarna hun (her)intrede zouden doen. Deze twee Grands Prix hielden de vroege seizoensstart er (vanaf 1972) tot en met 1980 in, waarop Kyalami het circus in 1982 nog eenmaal in de eerste maand van het jaar mocht verwelkomen.

Sindsdien hebben we geen seizoensstarts meer gehad in de eerste twee maanden van het jaar: 1988 was voor de liefhebber het moeilijkst, aangezien de eerste race destijds pas plaatsvond in het eerste weekend van april. De vroegste ouverture na de milleniumwisseling was in 2002, toen Ralf Schumacher op 3 maart al in de eerste bocht kampioen probeerde te worden, iets wat voor hem en Rubens Barrichello in tranen eindigde.

We moeten nog even geduld hebben: pas over een kleine drie maanden gaat het weer los, op 26 maart aanstaande springen de rode lichten uit om zo de 22 coureurs het signaal voor de start te geven. Al is het lang wachten, met twintig Grands Prix op de kalender is dat het zeker waard.

Door: René Oudman

[photo,298211,left,]

gedeeld
reacties
De teams van 2016: Manor, dichtbij maar net niet genoeg

Vorig artikel

De teams van 2016: Manor, dichtbij maar net niet genoeg

Volgend artikel

Bottas: “Nieuwe Formule 1-auto voor 2017 voelt een stuk sneller”

Bottas: “Nieuwe Formule 1-auto voor 2017 voelt een stuk sneller”
Laad reacties