Interview Bernhard ten Brinke: ‘Ja, ik kan de Dakar winnen’

Zand, stenen, eindeloze vlakten, hoge bergen, diepe rivieren, ravijnen, nauwelijks bewoning en een route van duizenden kilometers. Welkom in de Dakar Rally, de zwaarste uithoudingsproef voor mens en machine ter wereld.

Eerlijk is eerlijk: ergens moet een steekje los zitten wil je deelnemen aan deze monsterrally. Dagenlang met hoge snelheden door het eindeloze landschap scheuren, navigerend met een kompasje en een vaag omschreven routeboek, de grenzen van het mogelijke opzoekend. Dat kan toch niet leuk zijn? Toch zijn er heel wat coureurs die daar anders over denken. Onder hen Bernhard ten Brinke, de gedreven Nederlander die zijn zinnen heeft gezet op een topklassering in het autoklassement. Dit jaar beschikt hij over de 2016-spec Toyota Hilux van Overdrive Racing, een auto die de afgelopen jaren in de top-5 van de Dakar eindigde. Motorsport.com sprak exclusief met hem voorafgaand aan zijn avontuur in Zuid-Amerika, op zoek naar dat loszittende steekje. Of is het gewoon pure passie en ambitie?

Aan ambitie geen gebrek bij Ten Brinke: “De voorbereiding op de volgende editie begint op het moment dat je de laatste etappe van de Dakar verreden hebt”, legde hij uit. “Vorig  jaar kwam ik over de finish en toen had ik mezelf ten doel gesteld: dit was de laatste Dakar in een auto die onder de top zit. Ik denk en vind dat ik mee kan doen in de top, ik denk dat ik dat de voorbije jaren wel heb laten zien. Dus in eerste instantie was ik alleen maar bezig met het regelen van de juiste auto en het juiste team.”

“Rond de zomervakantie kwam het 2016-model, waarna ik kon beginnen met de echte voorbereidingen op de Dakar. We reden de Baja’s van Hongarije en Polen en de Rally van Marokko. Tussendoor hebben we veel getest met dezelfde monteurs en navigator waarmee ik nu naar Zuid-Amerika vertrek. In de basis is dat de juiste voorbereiding op Dakar-gebied. En dat alles naast heel veel fysieke voorbereiding, uren en uren trainen. Wielrennen, fitness, hardlopen, om maar zo allround mogelijk fit te zijn, want dat is nodig voor Dakar.”

Geluk speelt een belangrijke rol

Je kunt je nog zo goed voorbereiden: de Dakar is de Dakar. Niets is voorspelbaar, van het ene op het andere moment kan je klassering [soms letterlijk, soms figuurlijk] in rook opgaan. Een scherpe steen, een iets te grote kuil, een afgrond die niet helemaal duidelijk op de kaart stond, een koprol in de verraderlijke zandduinen… Ten Brinke is zich daarvan volledig bewust: “Dat is het mooie van Dakar. Kijk, ik zie mezelf als semi-prof – in de Dakar misschien zelfs wel als prof – maar of je nou fulltime coureur bent of niet, in de Dakar ben je van meerdere factoren afhankelijk. Niet alleen de auto, navigator en team spelen een rol, er komt ook een stukje geluk bij kijken. Met deze auto heb ik het best mogelijke materiaal, ja, in basis wel. Maar je zag het vorige editie aan Nani Roma: dat was een serieuze kanshebber maar hij stond op de eerste proef na 40 kilometer met een kapotte auto langs de kant en zijn Dakar was al over.”

De ervaren rijder weet wat zijn eigen valkuilen zijn, waardoor hij hoopt dit jaar meer uit de problemen te blijven dan de voorbije jaren het geval was. Een goed zelfbeeld is van groot belang voor een coureur die een topprestatie wil leveren: “Het voordeel is dat ik nu voor het eerst weet waarmee ik de afgelopen Dakar de fout ingegaan ben. Ik reed vanaf het eerste moment op 95%, waarna ik op dag 3 over de kop ging. Gelukkig kostte me dat maar 25 minuten, maar dat moet ik nu absoluut voorkomen. Bij iedereen gebeurt er wel eens wat maar ik moet er nog aan wennen dat ik een auto heb die in de top mee kan doen. Dan moet je helemaal niet op 95% rijden. Voorheen ging ik qua inzet compenseren doordat ik een mindere auto had. Nu moet ik gewoon op 85 tot 90% rijden, en als de situatie erom vraagt soms op 80% en soms op 95%.”

Die valkuil kwam ook tijdens de voorbereidingen in 2015 om de hoek kijken. In de twee Baja’s, korte en heftige tweedaagse evenementen, toonde Ten Brinke aan bij de absolute top te horen met een derde en een tweede plaats in de eindrangschikking. In de zesdaagse rally van Marokko ging het toch weer fout: “Ik vergaloppeerde me weer doordat ik teveel wilde, te hard wilde rijden. Dan maak je zo’n fout. Vervolgens sloot ik de laatste etappe af als tweede, drie minuten voor Hirvonen op een echt heel erg lastige proef. Daarmee lieten we zien dat we er gewoon bij kunnen zitten. Maar ik heb mijn lesje wel geleerd: ik moet wat neutraler rijden.”

De Dakar winnen?

Het materiaal is in orde, de coureur verkeert in fysieke topconditie, de monteurs en navigator zijn goed voorbereid en de snelheid is zeer zeker aanwezig. Dan is er maar één vraag die daadwerkelijk van belang is: kan Bernhard ten Brinke de Dakar Rally 2016 winnen? En toen bleef het even stil: “Tja, dat is een hele mooie. Weet je… [stilte] Ja, dat kan. Maar er zijn er nog vijftien die kunnen winnen. Dat maakt de Dakar zo speciaal. Om eerlijk te zijn heb ik de winst uit mijn hoofd gehaald want dan begin ik elke dag op 95%. Ik zet in op een top-5 klassering. Dat wordt al heel lastig maar daar focus ik me op. Geluk dwing je af, dus daarom zet ik in op de top-5.”

“Maar ik kan winnen ja, maar dat kan Erik van Loon ook, en Sainz, en Al-Attiyah, en Peterhansel en, en, en… De één is iets beter in de duinen, de ander op de rallyproeven, de ander weer in de duurproeven. Door mijn ervaring weet ik wel op welke gebieden ik sterk ben. Na een dag of vier, vijf zie je wie er problemen heeft gehad en begint het klassement zich te vormen. Daarna ga je meer of minder aanvallen, dat is mijn plan van aanpak. En als alles op de juiste plaats valt, dan kan er iets moois in zitten. Als ik dat gevoel niet zou hebben, dan zou het ook geen ultieme Dakar zijn. We gaan voor een topklassering, punt.”

Afgelopen jaar zat hij al enkele malen dicht bij een etappeoverwinning. Voor dit jaar is dat geen doel op zich, aangezien alles gericht is op een goed klassement: “We kiezen ervoor om dit jaar netjes en vlak te beginnen. We willen zien waar we uitkomen als we op 85 tot 90% rijden. Zitten we dan in de top-5, dan houden we dat tempo vast tot de laatste vier, vijf dagen. Val je onverhoopt buiten de top-10, dan push je meer voor een etappezege. De dagklassering laat ik een beetje los, het gaat om het algemeen klassement. Het loopt zoals het loopt, al zou een etappeoverwinning natuurlijk heel gaaf zijn, echt iets unieks. Ik kan het niet uitsluiten maar het is geen doel op zich.”

Jaloezie

De naam van Erik van Loon is gevallen. De twee Nederlandse topcoureurs zijn goed bevriend maar strijden in de Dakar tegen elkaar. Het tweetal heeft in potentie alles in handen om een topklassering neer te zetten. Vorig jaar eindigde Van Loon al indrukwekkend als vierde in de eindrangschikking. Dat was even slikken voor Ten Brinke: “Of ik jaloers was? Ja zeker! Vooral vanwege het feit dat je het zelf hebt laten liggen doordat één dag de aandrijfas kapot was. Daardoor hebben we ruim anderhalf uur zitten sleutelen terwijl we lang op de derde, vierde plaats stonden. Door een mechanisch probleem wordt je plotseling uit de top-10 geslingerd. Ook dat is Dakar.”

“De jaloezie was niet op Erik gericht maar vooral op het feit dat ik die plek had kunnen behouden. Het zou ook niet goed zijn als je dat gevoel niet hebt. Ik vecht voor de best mogelijke positie, dan word je niet vrolijk als je terugvalt. Ik gun het hem van harte hoor, maar ik gun het mezelf net iets meer!”

 

De strijd barst op 3 januari los in Buenos Aires, Motorsport.com doet uitgebreid verslag van het gehele evenement. 

Word onderdeel van iets groots

Schrijf een reactie
Geef reacties weer
Over dit artikel
Raceklassen Dakar
Coureurs Bernhard Ten Brinke
Artikel type Interview